1 april 2014
Frits Bakker: 'Veel geïnvesteerd om zaak als Lucia de Berk te voorkomen'
Een film over de berechting van Lucia de Berk draait vanaf deze week in de bioscoop. Een afschuwelijke geschiedenis, die de Haagse verpleegkundige bijna levenslang achter de tralies bracht voor een serie moorden. Ze kwam alsnog vrij toen bleek dat het bewijs niet deugde. Wat betekent zo’n dwaling voor de Rechtspraak, en kan het opnieuw gebeuren? Voorzitter Frits Bakker van de Raad voor de rechtspraak: “Dit was een horrorscenario." Toen dertien jaar geleden een baby in het ziekenhuis overleed met digoxine in haar bloed, werd verpleegkundige Lucia de Berk ervan verdacht het kind vergiftigd te hebben. Vervolgens kwamen tientallen andere sterfgevallen tijdens haar diensten in een vreemd daglicht te staan. Het OM was ervan overtuigd met een seriemoordenares van doen te hebben. Rechters lieten zich voorlichten door toxicologen en statistici, die dat vermoeden bevestigden. Toen één moord bewezen was verklaard, leidden statistiek en schakelbewijs ertoe dat De Berk uiteindelijk levenslang kreeg voor zeven moorden en drie moordpogingen. Maar dankzij een arts en haar broer die zich in de zaak vastbeten, kwam er een herziening. Nieuw onderzoek wees uit dat geen van de sterfgevallen als misdrijf kon worden aangemerkt. Lucia de Berk werd vrijgesproken; ze had 6,5 jaar vastgezeten.
Frits Bakker: “Dat kan je niet zo zeggen. Elke onterechte veroordeling is een groot persoonlijk drama voor degene die het overkomt. Voor rechters is het ook heel aangrijpend. Ik ken er veel die alle dwalingen van de afgelopen vijftig jaar zó kunnen opnoemen, dat is niet voor niets. Rechters blijven ermee zitten als ze iemand ten onrechte hebben veroordeeld, dat is het ergste dat ze kan overkomen. Ze vragen zich af of ze het beter hadden kunnen doen of voelen zich gefrustreerd omdat ze er alles aan hebben gedaan om tot een juist oordeel te komen. Deze zaak is uitputtend behandeld, je kunt dus niet zeggen dat er te weinig tijd of aandacht aan is besteed. En toch is het niet goed gegaan - een horrorscenario.”
Frits Bakker: "Als rechter moet je afgaan op wat anderen hebben uitgezocht, gezien of verklaard. Het enige dat je kunt doen is heel zorgvuldig kijken en bij twijfel niet veroordelen."
Wat ging er fout?“Het was een zeer complexe zaak, waarvoor veel deskundigen zijn geraadpleegd. De rechters zijn afgegaan op wetenschappelijke verklaringen die achteraf niet bleken te kloppen. Ook de advocaat van Lucia de Berk nam - voor zover mij bekend - aanvankelijk aan dat baby Amber was vermoord. De vraag was alleen: door wie? Het verschil van mening over de doodsoorzaak ontstond pas later. Het is in sommige complexe zaken erg lastig voor juristen om rapporten van deskundigen te doorgronden en te weten wie met gezag over een onderwerp kan praten. Maar je moet daar wel je uiterste best voor doen. In dit geval zijn de rechters in eerste aanleg meegegaan in een statistische denkwijze, waardoor moord op baby Amber plotseling bewijs opleverde voor meer moorden tijdens de diensten van De Berk. Met de kennis van nu kun je zeggen dat de rechtbank onvoldoende kennis van statistiek had om de waarde van de statistische rapportage op waarde te schatten en dat rapport ten onrechte als juist heeft aangenomen. Later hebben andere statistici fundamentele kritiek op de rapportage geleverd."
Wat heeft de Rechtspraak van deze zaak geleerd?“Dat het ongelooflijk moeilijk is om te weten op welke deskundige je af kunt gaan en welke vragen je moet stellen om juridisch bruikbare antwoorden te krijgen. We hebben de afgelopen jaren veel geïnvesteerd in scholing van rechters op het gebied van bijvoorbeeld statistiek en DNA, en er is een register opgesteld van gerechtelijke deskundigen. Daarnaast wordt op proef gewerkt met forensisch experts op de rechtbank, die rechters helpen bij het doorgronden van wetenschappelijke rapporten en het formuleren van doeltreffende vragen. Maar het zal nooit genoeg zijn, ben ik bang. De wetenschap ontwikkelt zich razendsnel. Wij denken nu dat DNA waterdicht bewijs oplevert; wie weet in welk perspectief dat over tien of twintig jaar wordt geplaatst?”
Kan een dwaling als deze worden voorkomen?“Je kunt het nooit uitsluiten, rechterswerk blijft mensenwerk. Je moet als rechter afgaan op wat anderen hebben uitgezocht, verklaard of gezien. De meeste dwalingen ontstaan dan ook doordat rechters verkeerd worden voorgelicht, niet doordat ze niet goed opletten of het dossier niet goed lezen. Het enige dat je kunt doen, is heel zorgvuldig kijken naar de feiten en bewijsmiddelen die worden gepresenteerd en bij twijfel niet veroordelen. Dat doen rechters; in circa 10 procent van de zaken wordt de verdachte vrijgesproken. Ook een vrijspraak roept overigens vaak de nodige kritiek op, als de burger denkt dat de verdachte het wel heeft gedaan. Maar als rechter moet je volledig overtuigd zijn. Bij twijfel niet inhalen. Dat besef wordt sterker na een dwaling.”
Heeft u zelf wel eens een dwaling meegemaakt?“Niet als rechter, wel toen ik nog advocaat was. Ik had een cliënt die verdacht werd van verkrachting en ik twijfelde niet aan zijn schuld. Toen de zaak bij het tv-programma 'Opsporing Verzocht' werd behandeld, had een getuige de politie gebeld en hem als de dader aangewezen. Ik wist de man vrij te krijgen uit voorlopige hechtenis, maar dat voelde niet echt als een succes; ik dacht: door mij loopt een verkrachter op straat. Totdat korte tijd later de echte dader werd gepakt. Wat bleek? Die getuige had zomaar wat gezegd, om indruk te maken op zijn vriendin. Zij had meteen de politie gebeld en toen hij even later op het bureau zat, durfde hij niet meer terug. Ik ben dus al vroeg in mijn loopbaan ernstig gewaarschuwd: voordat je het weet, zit je op het verkeerde spoor. Gelukkig zijn onze fouten meestal wel te herstellen, via hoger beroep en cassatie. De tijd doet soms zijn werk. In de zaak van Lucia de Berk heeft ons systeem uiteindelijk gewerkt, maar voor de mensen die het treft, is dat een zeer schrale troost.”
Bron: rechtspraak.nl (de oorspronkelijke pagina is niet meer online)