Rechtbank Den Haag · 19 juni 2014
Vijftien jaar cel voor het doden en daarna verminken van Gosia
De rechtbank Den Haag heeft een 46-jarige man veroordeeld tot een gevangenisstraf van 15 jaar voor het opzettelijk doden van zijn vrouw Gosia. Na haar dood heeft de man het lichaam in tien stukken gezaagd en die verpakt in onder andere een koffer en vuilniszakken, op verschillende plaatsen in de Haarlemmermeerpolder in het water gegooid.
De man heeft uiteindelijk op de zitting de laatste twee feiten bekend; het doden van zijn vrouw bleef hij ontkennen. Bij sectie op de lichaamsdelen van Gosia is geen doodsoorzaak aan het licht gekomen. Toxicologisch onderzoek heeft wel een aanwijzing (maar geen bewijs) opgeleverd voor geweld aan haar hals. De rechtbank betrekt in haar oordeel dat Gosia een vitale jonge vrouw was en dat is vastgesteld dat zij en haar echtgenoot op 19 mei ’s avonds hevig met elkaar hebben gevochten. De rechtbank spreekt daarom van zeer sterke aanwijzingen dat de echtgenoot zijn vrouw met geweld op haar hals van het leven heeft beroofd. Van groot belang is ook dat de man tegenover zijn ex-vrouw en de ouders van het slachtoffer de doodslag impliciet heeft toegegeven.
Hogere strafDe officier van justitie had een gevangenisstraf geëist van 14 jaar. De rechtbank oordeelt dat deze eis onvoldoende recht doet aan de ernst van de feiten en legt de man daarom vijftien jaar gevangenisstraf op.
Uitspraken in dit bericht
Bron: rechtspraak.nl (de oorspronkelijke pagina is niet meer online)