Alle nieuws

Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 22 oktober 2014

Vrijlating verkrachter Bredaas meisje jaar uitgesteld

?Een 62-jarige man die is veroordeeld voor verkrachting van een 9-jarig meisje in Breda in 2006, komt nog niet vrij. De rechtbank in Breda heeft bepaald dat zijn voorwaardelijke vrijlating een jaar wordt uitgesteld. De man was in 2009 door het gerechtshof ’s-Hertogenbosch in hoger beroep veroordeeld tot een gevangenisstraf van 12 jaar met aftrek van voorarrest. Eerder had hij ook al straffen uitgezeten voor meerdere zedendelicten. Begin oktober 2014 had hij tweederde van zijn straf uitgezeten.

Risico op herhaling
De rechtbank is van oordeel dat het risico op herhaling bij voorwaardelijke vrijlating van de man groot is, en dat dat risico nu niet genoeg kan worden ingeperkt. De man heeft zeer ernstige delicten gepleegd, die hij nog steeds ontkent. Hij weigert stelselmatig om mee te werken aan persoonlijkheidsonderzoek en behandeling. De reclassering kan daardoor geen maatregelen nemen en voorwaarden scheppen om een veilige terugkeer in de maatschappij mogelijk te maken.   De officier van justitie had een jaar uitstel van voorwaardelijke vrijlating gevraagd, zodat het komend jaar kan worden geprobeerd alsnog inzicht te krijgen in de problematiek van de man en kan worden bekeken of er voorwaarden te scheppen zijn die een vrijlating wel verantwoord maken. Voorwaardelijke invrijheidstelling
In Nederland kunnen veroordeelden na het uitzitten van twee derde van hun straf voorwaardelijk vrijgelaten worden. Tot een aantal jaren geleden ging dat min of meer automatisch, maar sinds de inwerkingtreding van de Wet voorwaardelijke invrijheidstelling in 2008 wordt per geval bekeken of en onder welke voorwaarden vrijlating aangewezen is, om zo het risico op herhaling van strafbare feiten te verkleinen en de maatschappelijke veiligheid te vergroten.

Uitspraken in dit bericht

Bron: rechtspraak.nl (de oorspronkelijke pagina is niet meer online)