Alle nieuws

Rechtbank Oost-Brabant · 30 oktober 2013

Burgemeester Son en Breugel mocht hond in beslag nemen

De burgemeester van Son en Breugel was bevoegd een rottweiler in beslag te nemen en mag de hond in beslag houden. Dat is het oordeel van de voorzieningenrechter van de rechtbank Oost-Brabant. De eigenaar van de hond, een inwoner van Son en Breugel, had de rechter gevraagd het beslag op zijn hond onmiddellijk op te heffen.

Het college van burgemeester en wethouders van Son en Breugel besloot op 3 juli 2012 twee rottweilers van een inwoner van Son en Breugel aan te wijzen als gevaarlijke honden en de eigenaar te gebieden de honden te voorzien van een muilkorf. Op 2 september 2013 beet een van de rottweilers een andere hond. Een dag later constateerde een gemeenteambtenaar dat de hond niet op de juiste wijze gemuilkorfd was. De burgemeester besloot op 9 september de hond in beslag te nemen. Daarnaast gaf de burgemeester opdracht de hond een gedragstest te laten ondergaan.

De eigenaar van de hond betoogt dat hij de hond voortdurend gemuilkorfd had. Wat betreft het bijtincident met de andere hond treft de rottweiler volgens de man geen blaam. De rottweiler werd volgens hem juist aangevallen door de border collie. Die beet de muilkorf stuk waardoor de rottweiler in de gelegenheid was de collie in de staart te bijten. Daarnaast stelt de eigenaar van de rottweiler dat op het moment dat de gemeenteambtenaar een dag na het incident constateerde dat de muilkorf niet in goede staat verkeerde, de eigenaar net terugkwam van een bezoek aan de dierenarts met een nieuwe muilkorf.

De burgemeester is bevoegd bij verstoring van de openbare orde of bij ernstige vrees voor het ontstaan daarvan, bevelen te geven die noodzakelijk zijn voor de handhaving van de openbare orde. Dat betekent kort gezegd dat, in het geval van een concreet en actueel gevaar voor de openbare orde, de burgemeester de hond in beslag mag nemen.

De vraag is of het bijtincident op 2 september en de loszittende muilkorf op 3 september jl. voldoende gewicht in de schaal leggen om tot het oordeel te komen dat de hond een gevaar is voor andere honden en mensen.
De voorzieningenrechter twijfelt of de inbeslagname van de hond uiteindelijk in beroep zal standhouden. Toch is de voorzieningenrechter van oordeel dat het belang van de burgemeester zwaarder weegt dan het belang van de eigenaar. De rechter begrijpt dat de eigenaar graag zijn hond terug wil hebben. Maar duidelijk is dat de hond niet zonder meer terug kan naar zijn baas. Uit de gedragstest blijkt namelijk dat de risico’s die de hond met zich mee brengt, voor mens en hond, zonder meer hoog te noemen zijn. Dat betekent dat de eigenaar zijn hond nu niet terugkrijgt.
 

Uitspraken in dit bericht

Bron: rechtspraak.nl (de oorspronkelijke pagina is niet meer online)