Rechtbank Gelderland · 15 november 2013
Uitspraak geschil preferentiebeleid in zorgcontracten
Deze zaak gaat over de vraag of een preferentiebeleid met betrekking tot dieetpreparaten (drinkvoedingen) in zorg(inkoop)contracten voor 2014 tussen zorgverzekeraars en afleveraars onrechtmatig is tegenover patiënten en diëtisten.
De voorzieningenrechter overweegt dat een verplichting in de zorgcontracten om in minimaal 75% van de gevallen een door de zorgverzekeraars geselecteerd voorkeursproduct af te leveren, in feite een beperking oplevert of kan opleveren van de aanspraak die verzekerden hebben op verstrekking of vergoeding van dieetpreparaten.
Dat komt in strijd met de Zorgverzekeringswet en de daarop gebaseerde regelgeving, die, anders dan ten aanzien van geneesmiddelen, niet voorziet in de mogelijkheid van het voeren van een preferentiebeleid ten aanzien van dieetpreparaten.
De vergoedingen die de zorgverzekeraars hebben vastgesteld voor geconcentreerde drinkvoedingen die buiten het preferentiebeleid vallen, met kortingspercentages van 48 tot 56 % op de apotheekinkoopprijs (AIP), zijn zodanig willekeurig jegens de fabrikant, dat alle omstandigheden in aanmerking genomen, waaronder de kans op aanmerkelijke schade voor de fabrikant, onzorgvuldig en onrechtmatig jegens de fabrikant zijn.
De voorzieningenrechter verbiedt de zorgverzekeraars aan een aantal onderdelen van de reeds gesloten zorgcontracten verder uitvoering te geven of contracten voor wat betreft die onderdelen af te sluiten.
De eis van de fabrikant om de zorgverzekeraars te gebieden bepaalde vergoedingen in de contracten op te nemen, wordt afgewezen. Het staat de zorgverzekeraars in beginsel vrij die vergoedingen te bepalen en met de afleveraars overeen te komen, mits dat niet gebeurt op een wijze die onrechtmatig is jegens de fabrikant.
Uitspraken in dit bericht
Bron: rechtspraak.nl (de oorspronkelijke pagina is niet meer online)