Bestuursrecht overig
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 3 oktober 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:1948 (11-3614…
ECLI:NL:CRVB:2014:11 · Centrale Raad van Beroep · 9 januari 2014
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-crvb-2014-11
Zaakgegevens
Op 9 januari 2014 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 9 januari 2014
- Datum publicatie
- 9 januari 2014
- Zaaknummer
- 11-3614 AW-R
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht Bestuursrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2014:11
Samenvatting
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 3 oktober 2013,
ECLI:NL:CRVB:2013:1948 (11-3614 AW). Voor de gerectificeerde tekst wordt verwezen naar ECLI:NL:CRVB:2013:2992 (11-3614 AW-G).
Uitspraak
Inhoudsopgave
11/3614 AW-R
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 3 oktober 2013, 11/3614 AW
Partijen:
[Appellant] te [woonplaats] (appellant)
de Stichting [naam stichting] (stichting)
PROCESVERLOOP
Naar aanleiding van de brief van 9 oktober 2013 van de gemachtigde van appellant,
mr. G. Wind, heeft de Raad vastgesteld dat zijn uitspraak van 3 oktober 2013 in het geding tussen appellant en de stichting kennelijke fouten bevat in overweging 6 en in de beslissing.
De Raad heeft daarin aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over het voornemen van de Raad om de uitspraak te rectificeren.
Partijen hebben van die gelegenheid geen gebruik gemaakt.
OVERWEGINGEN
De Raad heeft vastgesteld dat in overweging 6 ten onrechte is vermeld dat de Raad aanleiding ziet de stichting te veroordelen in de proceskosten van appellant in beroep en hoger beroep, van in totaal een bedrag van € 1.888,-, in plaats van een bedrag van € 2.360,-.
De Raad heeft vastgesteld dat in de beslissing ten onrechte is vermeld dat de stichting wordt veroordeelt in de proceskosten van appellant in beroep en hoger beroep, van in totaal een bedrag van € 1.888,-, in plaats van een bedrag van € 2.360,-.
De Raad zal de vergissingen herstellen door de uitspraak van 3 oktober 2013 in de hiervoor vermelde zin te rectificeren.
Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl en de oorspronkelijke uitspraak zal daaruit worden verwijderd. Het ECLI-nummer van de gerectificeerde uitspraak zal gelijk zijn aan dat van de oorspronkelijke uitspraak.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep
- wijzigt in overweging 6 de tekst “De Raad ziet ten slotte aanleiding de stichting te
veroordelen in de proceskosten van appellant in beroep en hoger beroep, in totaal een bedrag
van € 1.888,-” in de tekst “De Raad ziet ten slotte aanleiding de stichting te veroordelen in
de proceskosten van appellant in beroep en hoger beroep, in totaal een bedrag van
€. 2.360,-”;
- wijzigt in de beslissing de tekst “veroordeelt de stichting in de kosten van appellant in
beroep en hoger beroep tot een bedrag van in totaal € 1.888,-” in de tekst “veroordeelt de
stichting in de kosten van appellant in beroep en hoger beroep tot een bedrag van in totaal
€ 2.360,-”.
Deze uitspraak is gedaan door A. Beuker-Tilstra als voorzitter in tegenwoordigheid van
S.K. Dekker als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 9 januari 2014.
(getekend) A. Beuker-Tilstra
(getekend) S.K. Dekker