Socialezekerheidsrecht
Hoogte van de vastgestelde toeslag ingevolge de Toeslagenwet (TW).
Centrale Raad van Beroep, 22 december 2006
ECLI:NL:CRVB:2006:AZ5933 · Centrale Raad van Beroep · 22 december 2006
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/socialezekerheidsrecht/hoger-beroep/ecli-nl-crvb-2006-az5933
Zaakgegevens
Op 22 december 2006 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Datum uitspraak
- 22 december 2006
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 04-5943 TW
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2006:AZ5933
Samenvatting
Hoogte van de vastgestelde toeslag ingevolge de Toeslagenwet (TW).
Uitspraak
04/5943 TW
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
op het hoger beroep van:
[appellant] (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 15 september 2004, 04/646 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellant
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).
Datum uitspraak: 22 december 2006
I. PROCESVERLOOP
Namens appellant heeft mr. A.L. Kuit, advocaat te Rotterdam, hoger beroep ingesteld.
Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 10 november 2006, waar partijen - met voorafgaand bericht - niet zijn verschenen.
II. OVERWEGINGEN
Bij beslissing op bezwaar van 21 januari 2004 heeft het Uwv ongegrond verklaard het namens appellant gemaakte bezwaar tegen het primaire besluit van 11 maart 2003, waarbij aan appellant met ingang van 1 april 2003 een toeslag ingevolge de Toeslagenwet (TW) is toegekend ad € 8,76 per dag.
De rechtbank heeft het namens appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard.
In hoger beroep heeft mr. Kuit voornoemd zijn in eerdere instanties aangevoerde grief woordelijk herhaald, er op neerkomend dat appellants gezinsinkomen minder bedraagt dan 100% van het geldende minimumloon voor gehuwden of ongehuwd samenwonenden ad € 57,43 per dag, aangezien zijn WAO-uitkering voor zover appellant kan nagaan minder bedraagt dan € 48,67 per dag, het bedrag waarvan het Uwv bij vaststelling van de toeslag is uitgegaan.
Evenals in beroep heeft appellant zijn vorenomschreven stelling op geen enkele wijze onderbouwd. De Raad ziet dan ook geen aanleiding de aangevallen uitspraak voor onjuist te houden, zodat moet worden beslist als hierna in rubriek III aangegeven.
De Raad acht geen termen aanwezig om toepassing te geven aan artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze uitspraak is gedaan door J.W. Schuttel. De beslissing is, in tegenwoordigheid van J.E.M.J. Hetharie als griffier, uitgesproken in het openbaar op 22 december 2006.
(get.) J.W. Schuttel.
(get.) J.E.M.J. Hetharie.