Socialezekerheidsrecht

Procesbelang? Niet-ontvankelijk verklaring.

Centrale Raad van Beroep, 25 april 2007

Zaakgegevens

Op 25 april 2007 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Zittingsplaats
Utrecht
Datum uitspraak
25 april 2007
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
07-290 WWB
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2007:BA4821
E-mail

Samenvatting

Procesbelang? Niet-ontvankelijk verklaring.

Uitspraak

07/290 WWB

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[appellante] (hierna: appellante),

tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 13 december 2006, 05/3192,

in het geding tussen:

appellante

en

het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam (hierna: College)

Datum uitspraak: 25 april 2007

I. PROCESVERLOOP

Appellante heeft hoger beroep ingesteld.

Het College heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 11 april 2007. Appellante is verschenen. Het College heeft zich niet laten vertegenwoordigen.

II. OVERWEGINGEN

Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank, met een bepaling over het griffierecht,

- het beroep van appellante tegen het niet tijdig nemen door het College van een

beslissing op het bezwaar van appellante van 10 mei 2005 gegrond verklaard en - zelf

in de zaak voorziend - het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard op de grond dat het

niet is gericht tegen een besluit;

- het beroep van appellante tegen het niet tijdig nemen van een beslissing op het

bezwaar van appellante van 9 juni 2005 niet-ontvankelijk verklaard op de grond dat de termijn voor het nemen van die beslissing nog niet was verstreken.

De Raad stelt vast dat hetgeen appellante in hoger beroep heeft betoogd en anderszins naar voren heeft gebracht, op geen enkele wijze verband houdt met de in de aangevallen uitspraak door de rechtbank gegeven oordelen. Ter zitting heeft appellante verklaard dat zij wil bereiken dat het College in algemene zin zijn intrekkings-, herzienings- en terugvorderingsbeleid aanpast.

Het voorgaande betekent dat appellante geen (proces)belang heeft bij een beoordeling door de Raad van de juistheid van de aangevallen uitspraak. Daarom moet het hoger beroep niet-ontvankelijk worden verklaard.

Voor een veroordeling in de proceskosten is geen aanleiding.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons. De beslissing is, in tegenwoordigheid van R.L. Rijnen als griffier, uitgesproken in het openbaar op 25 april 2007.

(get.) T.G.M. Simons.

(get.) R.L. Rijnen.