Socialezekerheidsrecht

Herziening WAO-uitkering. Urenbeperking. Geen redenen om te twijfelen aan de zorgvuldigheid van het medisch…

Zaakgegevens

Op 27 november 2007 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Zittingsplaats
Utrecht
Datum uitspraak
27 november 2007
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
06-47 WAO
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2007:BB8853
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Herziening WAO-uitkering. Urenbeperking. Geen redenen om te twijfelen aan de zorgvuldigheid van het medisch onderzoek.

Uitspraak

06/47 WAO

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[Appellante],

tegen de uitspraak van de rechtbank Utrecht van 21 november 2005, 05/1132 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellante

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).

Datum uitspraak: 27 november 2007

I. PROCESVERLOOP

Namens appellante heeft mr. L.J. van der Veen, advocaat te Groningen, hoger beroep ingesteld.

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 6 november 2007. Appellante is niet verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door A.M.M. Schalkwijk.

II. OVERWEGINGEN

Appellante ontving een uitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO).

Bij besluit van 3 september 2004, voor zover hier van belang, heeft het Uwv de WAO-uitkering van appellante met ingang van 27 oktober 2004 herzien naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%. Bij besluit van 1 april 2005, verder: het bestreden besluit, heeft het Uwv het bezwaar van appellante tegen het besluit van 3 september 2004 ongegrond verklaard.

De rechtbank heeft het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. Uit de aangevallen uitspraak blijkt dat de rechtbank op basis van de voorhanden zijnde (medische) gegevens en voorts gelet op de Standaard ‘Verminderde Arbeidsduur’ geen aanknopingspunten ziet voor het oordeel dat de verzekeringsartsen en in hun voetspoor het Uwv, ten onrechte per 27 oktober 2004 geen urenbeperking hebben aangenomen.

In hoger beroep heeft appellante haar tijdens de procedure in eerste aanleg aangevoerde grieven herhaald. In hoger beroep zijn geen medische gegevens overgelegd die steun bieden voor haar standpunt.

Het gaat in dit geding om de beantwoording van de vraag of het oordeel van de rechtbank over het bestreden besluit van het Uwv in rechte stand kan houden.

De Raad beantwoordt die vraag bevestigend en overweegt het volgende.

De Raad heeft evenals de rechtbank geen redenen om te twijfelen aan de zorgvuldigheid van het medisch onderzoek van het Uwv en de juistheid van de conclusies ervan, waarop het bestreden besluit is gebaseerd. De overwegingen van de rechtbank met betrekking tot het medische aspect van het bestreden besluit onderschrijft de Raad. Hetgeen in hoger beroep is aangevoerd, kan geen ander licht op de zaak werpen.

De Raad acht geen termen aanwezig om toepassing te geven aan artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep,

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door K.J.S. Spaas. De beslissing is, in tegenwoordigheid van A.H. Hagendoorn-Huls als griffier, uitgesproken in het openbaar op 27 november 2007.

(get.) K.J.S. Spaas

(get.) A.H. Hagendoorn-Huls

MK