Socialezekerheidsrecht

Herziening WAJONG-uitkering. Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat de door appellante aangevoerde…

Centrale Raad van Beroep, 27 maart 2009

Zaakgegevens

Op 27 maart 2009 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Zittingsplaats
Utrecht
Datum uitspraak
27 maart 2009
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
07-6158 WAJONG
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2009:BH8696
E-mail

Samenvatting

Herziening WAJONG-uitkering. Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat de door appellante aangevoerde beroepsgrond niet slaagt, omdat de medische onderbouwing ontbreekt. De voorgehouden functies zijn geschikt.

Uitspraak

07/6158 WAJONG

Centrale Raad van Beroep

Meervoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[Appellante], wonende te [woonplaats] (hierna: appellante),

tegen de uitspraak van de rechtbank Assen van 30 oktober 2007, 07/297 (hierna: de aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellante

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).

Datum uitspraak: 27 maart 2009

I. PROCESVERLOOP

Appellante heeft hoger beroep ingesteld en het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting vond plaats op 13 februari 2009. Appellante verscheen niet, W.R. Bos vertegenwoordigde het Uwv.

II. OVERWEGINGEN

1. Appellante stelde beroep in tegen het besluit van 28 februari 2007 ter uitvoering van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (WAJONG) tot de handhaving van de verlaging van haar WAJONG-uitkering per 19 november 2006, omdat de mate van haar arbeidsongeschiktheid tot 45-55% is afgenomen.

2. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.

3. In hoger beroep herhaalt appellante dat ernstige vermoeidheid haar verhindert om te werken.

4. Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat de door appellante aangevoerde beroepsgrond niet slaagt, omdat de medische onderbouwing ontbreekt. De voorgehouden functies zijn geschikt.

5. De Raad ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep,

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door D.J. van der Vos als voorzitter en R.C. Stam en

A.T. de Kwaasteniet als leden. De beslissing is, in tegenwoordigheid van B.E. Giesen als griffier, uitgesproken in het openbaar op 27 maart 2009.

(get.) D.J. van der Vos.

(get.) B.E. Giesen.

JL