Socialezekerheidsrecht
Nu appellante door het Uw ongewijzigd volledig arbeidsongeschikt wordt geacht en haar uitkering ongewijzigd…
Centrale Raad van Beroep, 1 februari 2012
ECLI:NL:CRVB:2012:BV6100 · Centrale Raad van Beroep · 1 februari 2012
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/socialezekerheidsrecht/hoger-beroep/ecli-nl-crvb-2012-bv6100
Zaakgegevens
Op 1 februari 2012 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 1 februari 2012
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 09/6784 WAZ + 11/6998 WAZ
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2012:BV6100
Samenvatting
Nu appellante door het Uw ongewijzigd volledig arbeidsongeschikt wordt geacht en haar uitkering ongewijzigd wordt voortgezet naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%, heeft appellante geen belang meer bij een oordeel in hoger beroep over de vaststelling van de medische belastbaarheid.
Zij heeft nog wel belang voor zover het hoger beroep ziet op de niet alle door haar verzochte kosten van bezwaar zijn vergoed.
Uitspraak
09/6784 WAZ
11/6998 WAZ
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
P R O C E S – V E R B A A L
van de mondelinge uitspraak op 1 februari 2012
Zitting heeft: H.G. Rottier
Griffier: N.S.A. El Hana
Uitspraak op het hoger beroep van [appellante], wonende te [woonplaats] (appellante),
tegen de uitspraak van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 20 november 2009, 08/1306 (aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellante
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
Ter zitting zijn verschenen: R. Bentum, gemachtigde van appellante Drs. H. ten Brinke, gemachtigde van het Uwv
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Vernietigt de aangevallen uitspraak;
Verklaart het beroep tegen het besluit van 10 juli 2008 gegrond en vernietigt dat besluit;
Verklaart het beroep tegen het besluit van 25 november 2011 gegrond en vernietigt dat besluit voor zover daarbij de kosten in verband met medische en arbeidskundige bijstand niet zijn vergoed;
Veroordeelt het Uwv in de kosten van appellante tot een bedrag van in totaal € 2.917,45;
Bepaalt dat het Uwv het door appellante in beroep en hoger beroep betaalde griffierecht van in totaal € 149,- vergoedt.
Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen:
Nu appellante door het Uwv per 18 maart 2008 ongewijzigd volledig arbeidsongeschikt wordt geacht en haar uitkering per die datum ongewijzigd wordt voortgezet naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%, heeft appellante geen belang meer bij een oordeel in hoger beroep over de vaststelling van de medische belastbaarheid van appellante. Er is pas sprake is van voldoende procesbelang indien het resultaat dat met het hoger beroep wordt nagestreefd ook daadwerkelijk kan worden bereikt en het realiseren van dat resultaat voor de indiener feitelijke betekenis kan hebben. Een oordeel van de Raad over de in hoger beroep aangevoerde gronden kan voor appellante geen feitelijke betekenis hebben per de in geding zijnde datum van 18 maart 2008, nu zij per die datum wederom een uitkering, berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%, ontvangt.
Ten aanzien van dit aspect heeft appellante dan ook geen zelfstandig belang bij de beoordeling van haar hoger beroep.
Appellante heeft nog wel belang voor zover het hoger beroep ziet op de omstandigheid dat bij het besluit van 25 november 2011 niet alle door appellante verzochte kosten van bezwaar zijn vergoed. Ter zitting heeft de Raad de voor vergoeding in aanmerking komende kosten in bezwaar, beroep en hoger beroep vastgesteld op een bedrag van € 2.917,45, met welke vaststelling de gemachtigde van appellante ter zitting heeft ingestemd.
Waarvan proces-verbaal
de griffier de voorzitter
getekend getekend
Voor eensluidend afschrift
de griffier van de
Centrale Raad van Beroep
TM