Socialezekerheidsrecht
In de aangevallen uitspraak is het beroep van appellante, gericht tegen het besluit van 28 10 2010…
Centrale Raad van Beroep, 16 mei 2012
ECLI:NL:CRVB:2012:BW6788 · Centrale Raad van Beroep · 16 mei 2012
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/socialezekerheidsrecht/hoger-beroep/ecli-nl-crvb-2012-bw6788
Zaakgegevens
Op 16 mei 2012 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Datum uitspraak
- 16 mei 2012
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 11-6296 WSF-PV
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2012:BW6788
Samenvatting
In de aangevallen uitspraak is het beroep van appellante, gericht tegen het besluit van 28 10 2010, niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn. De Rb. heeft - kort samengevat - overwogen dat het beroep niet binnen de gestelde termijn is ingediend. De termijn voor het indienen van het beroepschrift is geëindigd op 09 12 2010. Het beroepschrift is gedateerd op 08 12 2010, door La Poste France gestempeld op 13 12 2010 en bij de Rb. binnengekomen op 15 12 2010. Appellante heeft als reden voor de termijnoverschrijding aangegeven dat zij het besluit pas op 12 11 2010 heeft ontvangen en het beroepschrift op 08 12 2010 tijdig ter post in Grenoble (Frankrijk) heeft bezorgd. De vertraging in de bezorging is veroorzaakt door hevige sneeuwval in Grenoble, poststakingen in Nederland en poststakingen in Frankrijk. De Rb. heeft geoordeeld dat deze redenen niet kunnen leiden tot het oordeel dat de termijnoverschrijding als verschoonbaar moet worden aangemerkt. Wat er ook zij van hevige sneeuwval en poststakingen, appellante is er niet in geslaagd aannemelijk te maken dat zij het beroepschrift tijdig ter post heeft bezorgd, aldus de Rb. De Raad is met de Rb. van oordeel dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar is en stelt zich volledig achter de aan dat oordeel ten grondslag gelegde overwegingen van de Rb. Evenals de Rb. gaat de Raad ervan uit dat het besluit op 28 10 2010 is verzonden. De stelling van appellante dat zij het besluit van 28 10 2010 pas op 12 11 2010 heeft ontvangen, zodat de beroepstermijn aanvangt op 13 11 2010 wordt niet gevolgd. De Raad verwijst naar zijn uitspraak van 27 08 2010, 10/953 WSF (LJN: BN5127), waarin is overwogen dat ingevolge art. 6:8 Awb de termijn voor het indienen van het beroep niet start bij de ontvangst van een besluit, maar met ingang van de dag na die waarop het besluit aan appellante is verzonden.
Uitspraak
11/6296 WSF-PV
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage van 23 september 2011, 10/1472 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[appellante] te [woonplaats] (Frankrijk) (appellante)
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (Minister)
Datum uitspraak: 16 mei 2012
Zitting heeft: I.M.J. Hilhorst-Hagen
Griffier: H.L. Schoor
Ter zitting op 16 mei 2012 zijn verschenen:
Appellante in persoon, bijgestaan door haar gemachtigde mr. R.A. van Wijk, advocaat
en drs. P.M.S. Slagter, vertegenwoordiger van de Minister.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen:
1. In de aangevallen uitspraak, waartegen appellante hoger beroep heeft ingesteld, is het beroep van appellante, gericht tegen het besluit van 28 oktober 2010 van de Minister, niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn. De rechtbank heeft - kort samengevat - overwogen dat het beroep niet binnen de gestelde termijn is ingediend. De termijn voor het indienen van het beroepschrift is geëindigd op 9 december 2010. Het beroepschrift is gedateerd op 8 december 2010, door La Poste France gestempeld op 13 december 2010 en bij de rechtbank binnengekomen op 15 december 2010. Appellante heeft als reden voor de termijnoverschrijding aangegeven dat zij het besluit pas op 12 november 2010 heeft ontvangen en het beroepschrift op 8 december 2010 tijdig ter post in Grenoble (Frankrijk) heeft bezorgd. De vertraging in de bezorging is veroorzaakt door hevige sneeuwval in Grenoble, poststakingen in Nederland en poststakingen in Frankrijk. Deze redenen kunnen niet leiden tot het oordeel dat de termijnoverschrijding als verschoonbaar moet worden aangemerkt. Wat er ook zij van hevige sneeuwval en poststakingen, appellante is er niet in geslaagd aannemelijk te maken dat zij het beroepschrift tijdig ter post heeft bezorgd.
2. In hoger beroep heeft appellant de gronden die ze in beroep heeft aangevoerd tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep, herhaald.
3. De Raad is met de rechtbank van oordeel dat er geen sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding en stelt zich volledig achter de aan dat oordeel ten grondslag gelegde overwegingen van de rechtbank. De Raad maakt deze tot de zijne. Evenals de rechtbank gaat de Raad er van uit dat het besluit op 28 oktober 2010 is verzonden. De stelling van appellante dat zij het besluit van 28 oktober 2010 pas op 12 november 2010 heeft ontvangen, zodat de beroepstermijn aanvangt op 13 november 2010 wordt niet gevolgd. De Raad verwijst naar zijn uitspraak van 27 augustus 2010, LJN BN5127, waarin overwogen is dat ingevolge artikel 6:8 van de Algemene wet bestuursrecht de termijn voor het indienen van het beroep niet start bij de ontvangst van een besluit, maar met ingang van de dag na die waarop het besluit aan appellante is verzonden.
4. Uit het voorgaande volgt dat het hoger beroep niet slaagt.
5. De Raad acht geen termen aanwezig voor een proceskostenveroordeling.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier, De voorzitter,
(get.) H.L. Schoor (get.) I.M.J. Hilhorst-Hagen
Voor eensluidend afschrift
de griffier van de Centrale Raad van Beroep
TM