Socialezekerheidsrecht
Uitspraak tot rectificatie van een uitspraak van de Raad van 8 april 2015. Zie ECLI:NL:CRVB:2015:2322 voor de…
ECLI:NL:CRVB:2015:2321 · Centrale Raad van Beroep · 15 juli 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/socialezekerheidsrecht/hoger-beroep/ecli-nl-crvb-2015-2321
Zaakgegevens
Op 15 juli 2015 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 15 juli 2015
- Datum publicatie
- 15 juli 2015
- Zaaknummer
- 13-6100 TOG-R
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2015:2321
Samenvatting
Uitspraak tot rectificatie van een uitspraak van de Raad van 8 april 2015. Zie ECLI:NL:CRVB:2015:2322 voor de gerectificeerde uitspraak.
Uitspraak
Inhoudsopgave
13 6100 TOG-R, 13/6101 TOG-R
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 8 april 2015, 13/6100 TOG
+ 13/6101 TOG
Partijen:
[appellant] en [appellante] te [woonplaats] (appellanten)
de Raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank (Svb)
Datum uitspraak: 15 juli 2015
PROCESVERLOOP
De Raad heeft geconstateerd dat de uitspraak van 8 april 2015 met de kenmerken 13/6100 TOG + 13/6101 TOG kennelijke fouten bevat.
De Raad heeft daarin aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over een rectificatie van de uitspraak. Dit is gebeurd bij brief van 26 mei 2015. In deze brief is vermeld dat indien er binnen de in deze brief gegeven termijn geen reactie wordt ontvangen de Raad ervan uitgaat dat men geen bezwaar heeft tegen de rectificatie.
Partijen hebben op de brief van 26 mei 2015 niet gereageerd.
OVERWEGINGEN
Onder BESLISSING, 5e en 6e gedachtenstreep, staat ten onrechte vermeld:
-
Veroordeelt het college tot vergoeding van de proceskosten van appellanten in beroep en in hoger beroep tot een bedrag van € 1.727,40;
-
Bepaalt dat het college aan appellanten het in beroep en in hoger beroep betaalde griffierecht van in totaal € 162,- vergoedt.
Dit moet zijn:
-
Veroordeelt het Svb tot vergoeding van de proceskosten van appellanten in beroep en in hoger beroep tot een bedrag van € 1.727,40;
-
Bepaalt dat het Svb aan appellanten het in beroep en in hoger beroep betaalde griffierecht van in totaal € 162,- vergoedt.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep rectificeert zijn uitspraak van 8 april 2015, 13/6100 TOG + 13/6101 TOG, met de wijziging als in overwegingen is weergegeven.
Deze uitspraak is gedaan door A.J. Schaap in tegenwoordigheid van R.L. Rijnen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 15 juli 2015.
(getekend) A.J. Schaap
(getekend) R.L. Rijnen