Socialezekerheidsrecht

Uitspraak tot rectificatie van een uitspraak van de Raad van 1 mei 2015. Zie ECLI:NL:CRVB:2015:3999 voor de…

Zaakgegevens

Op 13 november 2015 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
13 november 2015
Datum publicatie
13 november 2015
Zaaknummer
13/3886 WIA-R
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2015:3998
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Uitspraak tot rectificatie van een uitspraak van de Raad van 1 mei 2015. Zie ECLI:NL:CRVB:2015:3999 voor de gerectificeerde uitspraak.

Uitspraak

Inhoudsopgave

13/3886 WIA-R

Centrale Raad van Beroep

Meervoudige kamer

Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 1 mei 2015, 13/3886 WIA

Partijen:


[appellante] , gevestigd te [woonplaats] (appellante)

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)

Datum uitspraak: 13 november 2015

PROCESVERLOOP

Appellant heeft er schriftelijk op gewezen dat de uitspraak van de Raad van 1 mei 2015, 13/3886 WIA, ECLI:NL:CRVB:2015:1455, een kennelijke fout in rechtsoverweging 5 en in de beslissing bevat.

De Raad heeft daarin aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over een rectificatie van de uitspraak.

Bij brief van 31 augustus 2015 heeft het Uwv bericht geen bezwaar te hebben tegen de rectificatie van de uitspraak. Appellant heeft niet gereageerd.

OVERWEGINGEN

1. De Raad heeft vastgesteld dat er een fout is gemaakt bij de veroordeling in de proceskosten in die zin dat ten onrechte geen vergoeding is toegekend voor de kosten van de door appellant in beroep geraadpleegde deskundige A. Bernaert, bedrijfsarts. Appellant heeft zowel in de procedure in beroep als in hoger beroep om vergoeding van deze kosten verzocht. Blijkens het ter zitting van de Raad overgelegde formulier proceskosten bedragen deze kosten: 5 uur werkzaamheden à € 106,- alsmede reiskosten van - met toepassing van het Besluit tarieven in strafzaken - € 275,40, in totaal aan vergoeding kosten deskundige € 805,40. Dit betekent dat de kosten in beroep worden begroot op € 2.030,40 in plaats van € 1.225,-.

2. De Raad zal de onder 1 vermelde vergissing herstellen door de uitspraak van 1 mei 2015 in evenvermelde zin te rectificeren.

3. Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep rectificeert zijn uitspraak van 1 mei 2015, 13/3886 WIA, als volgt.

Overweging 5, derde zin, wordt gewijzigd in: “De proceskosten voor verleende rechtsbijstand in beroep en hoger beroep worden begroot op € 2.030,40 in beroep en € 980,- in hoger beroep.

In de beslissing wordt het vijfde gedachtestreepje gewijzigd in: “veroordeelt het Uwv in de proceskosten van appellante tot een bedrag van € 4.235,40.

Deze uitspraak is gedaan door J.W. Schuttel als voorzitter en P.H. Banda en R.P.T. Elshoff als leden, in tegenwoordigheid van R.L. Rijnen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 13 november 2015.

(getekend) J.W. Schuttel

(getekend) R.L. Rijnen

UM