Socialezekerheidsrecht
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 2 november 2017, zie ECLI:NL:CRVB:2017:4387 voor…
Centrale Raad van Beroep, 7 december 2017
ECLI:NL:CRVB:2017:4388 · Centrale Raad van Beroep · 7 december 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/socialezekerheidsrecht/hoger-beroep/ecli-nl-crvb-2017-4388
Zaakgegevens
Op 7 december 2017 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 7 december 2017
- Datum publicatie
- 20 december 2017
- Zaaknummer
- 15/5178 MPW-R
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2017:4388
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 2 november 2017, zie ECLI:NL:CRVB:2017:4387 voor de gerectificeerde tekst.
Uitspraak
15/5178 MPW-R, 17/3148 MPW-R
Datum uitspraak: 7 december 2017
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 2 november 2017,
15/5178 MPW en 17/3148 MPW
Partijen:
[appellant] te [woonplaats] (appellant)
de Minister van Defensie (minister)
PROCESVERLOOP
Naar aanleiding van een brief namens de minister, ontvangen op 10 november 2017, heeft de Raad vastgesteld dat zijn uitspraak van
2 november 2017 een kennelijke fout bevat voor zover het de proceskosten betreft.
De Raad heeft daarin aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over het voornemen van de Raad om de uitspraak te verbeteren.
Beide partijen hebben ingestemd met het voornemen van de Raad.
OVERWEGINGEN
1. De Raad heeft vastgesteld dat in de beslissing van de uitspraak ten onrechte is bepaald dat de minister de proceskosten van appellant ten bedrage van € 2.475,- in plaats van ten bedrage van € 1.980,- vergoedt. In dat bedrag is een bedrag van € 495,- opgenomen voor de bezwaarfase. Bij het nemen van de nieuwe beslissing op bezwaar van 15 maart 2017 is het laatstgenoemde bedrag door de minister al vergoed aan appellant.
2. De Raad zal de onder 1 vermelde beslissing herstellen door de uitspraak van 2 november 2017 met het hiervoor vermelde bedrag te rectificeren.
3. Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep rectificeert zijn uitspraak van 2 november 2017, 15/5178 MPW, 17/3148 MPW, als volgt:
- de proceskosten in de beslissing wordt gewijzigd in:
“- veroordeelt de minister in de proceskosten van appellant tot een bedrag van € 1.980,-”
Deze uitspraak is gedaan door B.J. van de Griend, in tegenwoordigheid van J. Smolders als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 7 december 2017.
(getekend) B.J. van de Griend
(getekend) J. Smolders