Socialezekerheidsrecht
Maatregel van 100% gedurende 1 maand. De vergissing in de oproepingsdatum blijft voor risico van appellant.
ECLI:NL:CRVB:2018:2996 · Centrale Raad van Beroep · 18 september 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/socialezekerheidsrecht/hoger-beroep/ecli-nl-crvb-2018-2996
Zaakgegevens
Op 18 september 2018 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 18 september 2018
- Datum publicatie
- 2 oktober 2018
- Zaaknummer
- 17/205 PW-PV
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2018:2996
Samenvatting
Maatregel van 100% gedurende 1 maand. De vergissing in de oproepingsdatum blijft voor risico van appellant.
Uitspraak
Inhoudsopgave
17 205 PW-PV
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de Rechtbank Rotterdam van 23 november 2016, 16/3576 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[appellant] te [woonplaats] (appellant)
Het college van burgemeester en wethouders van Nissewaard (college)
Datum uitspraak: 18 september 2018
Zitting heeft:
J.N.A. Bootsma
Griffier: Y. Itkal
Voor appellant is verschenen mr. R.J. Michielsen, advocaat. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door M.J. de Jonge.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.
Dit betekent dat de maatregel per 1 april 2016 van 100% voor de duur van een maand voor het niet naar vermogen verkrijgen van arbeid in stand blijft.
Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen:
1. Appellant was per e-mail uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek op donderdag
3 maart 2016. Hij heeft dit bericht tijdig ontvangen, maar de afspraak per ongeluk bij vrijdag 4 maart 2016 in zijn agenda gezet. Daardoor is hij zonder afmelding niet bij het gesprek op donderdag 3 maart 2016 verschenen.
2. De beroepsgrond dat een uitnodiging per post dit had kunnen voorkomen slaagt niet. De Raad ziet niet in dat appellant deze vergissing, die voor zijn rekening en risico komt, niet zou hebben kunnen maken als hij de uitnodiging per post had ontvangen.
3. Het hoger beroep slaagt niet. De aangevallen uitspraak moet worden bevestigd.
4. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier De voorzitter
(getekend) Y. Itkal (getekend) J.N.A. Bootsma