Socialezekerheidsrecht
Afwijzing bijzondere bijstand voor wasmachine. Appellant had voor deze kosten kunnen reserveren.
Centrale Raad van Beroep, 13 november 2018
ECLI:NL:CRVB:2018:3708 · Centrale Raad van Beroep · 13 november 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/socialezekerheidsrecht/hoger-beroep/ecli-nl-crvb-2018-3708
Zaakgegevens
Op 13 november 2018 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 13 november 2018
- Datum publicatie
- 22 november 2018
- Zaaknummer
- 18/389 PW-PV
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2018:3708
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Afwijzing bijzondere bijstand voor wasmachine. Appellant had voor deze kosten kunnen reserveren.
Uitspraak
18 389 PW-PV
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant van 28 december 2017, 17/2598 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[Appellant] te [woonplaats] (appellant)
het college van burgemeester en wethouders van Helmond (college)
Datum uitspraak: 13 november 2018
Zitting heeft: J.J.A. Kooijman
Griffier: A.M. Pasmans
Namens appellant is verschenen [naam broer] (broer en curator van appellant), bijgestaan door mr. R. Akkaya, advocaat. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door
mr. I.M.P.J. Colen en R. van Dijk.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen.
Het gaat in hoger beroep in deze zaak nog slechts om de afwijzing van de aanvraag van appellant om bijzondere bijstand op grond van de Participatiewet voor de kosten van de aanschaf van een wasmachine. Die afwijzing is neergelegd in een besluit van het college
van 13 april 2017 en is na bezwaar gehandhaafd bij besluit van 14 augustus 2017 (bestreden besluit). Bij de aangevallen uitspraak is het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard.
Kosten zoals hier aan de orde worden gerekend tot de periodiek dan wel incidenteel voorkomende algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan. Deze kosten dienen in beginsel te worden bestreden uit het inkomen, hetzij door middel van reservering vooraf, hetzij door middel van gespreide betaling achteraf. Afzonderlijke bijstandsverlening is niet mogelijk, tenzij de kosten noodzakelijk zijn als gevolg van bijzondere omstandigheden in het individuele geval die ertoe leiden dat de kosten niet uit de algemene bijstand en de aanwezige draagkracht kunnen worden voldaan.
Appellant heeft aangevoerd dat hij niet heeft kunnen reserveren. Hij is een zorgbehoevende persoon met een verstandelijke handicap. Hij is niet in staat te werken, geld te verdienen en dit geld opzij te leggen. Gespreide betaling achteraf is voor appellant, gelet op zijn verstandelijke beperking, ook geen optie. Hij dient juist te worden beschermd tegen constructies zoals ‘betalen achteraf’.
Deze beroepsgrond slaagt niet. Uit de door appellant overgelegde gegevens van het Centrum indicatiestelling zorg blijkt dat appellant vanwege zijn verstandelijke handicap in aanmerking komt voor wonen met intensieve begeleiding, verzorging en gedragsregulering. Uit die gegevens kan echter niet worden afgeleid dat appellant niet, ook niet met begeleiding, voor de kosten van aanschaf van een wasmachine heeft kunnen reserveren en dat gespreide betaling achteraf evenmin tot de mogelijkheden behoorde. De Raad acht van betekenis dat appellant onder curatele is gesteld en zijn curator onder meer tot taak heeft zijn financiële belangen te behartigen.
Het hoger beroep slaagt niet, zodat de aangevallen uitspraak moet worden bevestigd. Dit betekent dat de afwijzing van de aanvraag om bijzondere bijstand voor de kosten van een wasmachine in stand blijft. Het verzoek om schadevergoeding dient te worden afgewezen.
Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier De voorzitter
(getekend) A.M. Pasmans (getekend) J.J.A. Kooijman
md