Socialezekerheidsrecht
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 12 februari 2019, 17/2089 ANW…
Centrale Raad van Beroep, 7 mei 2019
ECLI:NL:CRVB:2019:2244 · Centrale Raad van Beroep · 7 mei 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/socialezekerheidsrecht/hoger-beroep/ecli-nl-crvb-2019-2244
Zaakgegevens
Op 7 mei 2019 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 7 mei 2019
- Datum publicatie
- 10 juli 2019
- Zaaknummer
- 17-2089 ANW-R
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2019:2244
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 12 februari 2019, 17/2089 ANW (ECLI:NL:CRVB:2019:629), zie ECLI:NL:CRVB:2019:2243 voor de gerectificeerde tekst.
Uitspraak
17/2089 ANW-R
Datum uitspraak: 7 mei 2019
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 12 februari 2019, 17/2089 ANW
Partijen:
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (Svb)
[Betrokkene] te [woonplaats] (betrokkene)
PROCESVERLOOP
De Raad heeft bij brief van 3 april 2019 aangegeven aan partijen dat is vastgesteld dat de uitspraak van 12 februari 2019, 17/2089 ANW, een kennelijke fout bevat voor zover het de heffing van griffierecht betreft.
De Raad heeft daarin aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over het voornemen van de Raad om de uitspraak te verbeteren.
OVERWEGINGEN
1. De Raad heeft een fout vastgesteld in de berekening van het griffierecht in de beslissing van de uitspraak van de Raad dat van de Svb een griffierecht van € 504,- wordt geheven, terwijl dat een griffierecht van € 501,- moet zijn.
2. De Raad zal de onder 1 vermelde beslissing herstellen door de uitspraak van 12 februari 2019 met het hiervoor vermelde bedrag te rectificeren. Zodoende bepaalt de Raad dat van de Svb griffierecht van € 501,- wordt geheven.
3. Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl en de oorspronkelijke uitspraak zal daaruit worden verwijderd. Het ECLI-nummer van de gerectificeerde uitspraak zal gelijk zijn aan dat van de oorspronkelijke uitspraak.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep rectificeert zijn uitspraak van 12 februari 2019 als in de overwegingen is weergegeven.
Deze uitspraak is gedaan door E.C.R. Schut als voorzitter en W.F. Claessens en E.C.G. Okhuizen als leden, in tegenwoordigheid van J. Tuit als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 7 mei 2019.
(getekend) E.C.R. Schut
(getekend) J. Tuit