Socialezekerheidsrecht
Intrekken en terugvorderen bijstand in verband met alsnog ontvangen WW-uitkering.
Centrale Raad van Beroep, 29 september 2020
ECLI:NL:CRVB:2020:2434 · Centrale Raad van Beroep · 29 september 2020
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/socialezekerheidsrecht/hoger-beroep/ecli-nl-crvb-2020-2434
Zaakgegevens
Op 29 september 2020 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 29 september 2020
- Datum publicatie
- 8 oktober 2020
- Zaaknummer
- 19/4506 PW-PV
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2020:2434
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Intrekken en terugvorderen bijstand in verband met alsnog ontvangen WW-uitkering.
Uitspraak
19 4506 PW-PV
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 23 september 2019, 19/2028 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[Appellant] te [woonplaats] (appellant)
het college van burgemeester en wethouders van Utrecht (college)
Datum uitspraak: 29 september 2020
Zitting heeft: A.J. Schaap
Griffier: W.E.M. Maas
Appellant is verschenen. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door
drs. E.H. Siemeling.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen.
Appellant ontving sinds 1 augustus 2018 een bijstandsuitkering. In januari 2019 heeft appellant van het UWV een uitkering op grond van de Werkloosheidswet (WW) ontvangen met terugwerkende kracht tot 1 augustus 2018. In een besluit van 1 februari 2019, in bezwaar gehandhaafd in een besluit van 23 april 2019, heeft het college de bijstandsuitkering met ingang van 1 augustus 2018 ingetrokken en de verleende bijstand over de periode van 1 augustus 2018 tot en met 31 januari 2019 van appellant teruggevorderd. Het college heeft dit terecht gedaan. Alleen als iemand bijstandbehoeftig is, heeft hij recht op bijstand. In het geval van appellant is achteraf gebleken dat hij vanaf 1 augustus 2018 niet bijstandbehoeftig is, omdat hij vanaf die datum recht had op een WW-uitkering. Anders dan appellant stelt bestaat er dan geen recht op bijstand. Appellant moet dan ook de bijstandsuitkering die hij heeft ontvangen over de periode van 1 augustus 2018 tot en met 31 januari 2019 terugbetalen aan het college.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer
(getekend) W.E.M. Maas (getekend) A.J. Schaap