Socialezekerheidsrecht

Proces-verbaal mondelinge uitspraak. Aanvraag terecht buiten behandeling gesteld, omdat appellanten de…

Centrale Raad van Beroep, 28 oktober 2020

Zaakgegevens

Op 28 oktober 2020 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
28 oktober 2020
Datum publicatie
4 november 2020
Zaaknummer
19/5111 WMO15-PV
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2020:2707
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Proces-verbaal mondelinge uitspraak. Aanvraag terecht buiten behandeling gesteld, omdat appellanten de benodigde gegevens niet binnen de door het college gegeven termijn hebben verstrekt. Wat appellanten hebben aangevoerd geeft geen aanleiding om te oordelen dat het college niet in redelijkheid van zijn bevoegdheid gebruik heeft kunnen maken.

Uitspraak

19 5111 WMO15-PV, 19/5112 WMO15-PV

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland van 1 november 2019, 19/2024 en 19/2027 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

[appellant 1] en [appellant 2] te [woonplaats] (appellanten)

het college van burgemeester en wethouders van Groningen (college)

Datum uitspraak: 28 oktober 2020

Zitting heeft: J.P.A. Boersma als lid van de enkelvoudige kamer

Griffier: R. van Doorn

Ter zitting van 21 oktober 2020 zijn verschenen: mr. E.Tj. van Dalen, advocaat van appellanten.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen.

1. Bij afzonderlijke besluiten van 23 januari 2019, na bezwaar gehandhaafd bij besluiten van 29 april 2019 (bestreden besluiten) heeft het college de aanvragen van appellanten om een tegemoetkoming aannemelijke meerkosten voor chronisch zieken en beperkten voor het jaar 2018 met toepassing van artikel 4:5, eerste lid, aanhef en onder c, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) buiten behandeling gesteld, omdat appellanten de benodigde gegevens niet binnen de door het college gegeven termijn hebben verstrekt.

2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank de beroepen van appellanten tegen de bestreden besluiten gegrond verklaard, deze besluiten vernietigd en de rechtsgevolgen van de vernietigde besluiten in stand gelaten.

3. Niet in geschil is dat de te verstrekken gegevens nodig waren voor een goede beoordeling van de aanvragen. De benodigde gegevens zijn niet verstrekt binnen de in de brieven van 19 december 2018 gegeven termijn.

4. Uit het voorgaande volgt dat het college op grond van artikel 4:5, eerste lid, aanhef en onder c, van de Awb bevoegd was de aanvragen van appellanten buiten behandeling te laten.

5. Wat appellanten hebben aangevoerd geeft geen aanleiding om te oordelen dat het college niet in redelijkheid van zijn bevoegdheid tot buiten behandeling stellen van de aanvragen gebruik heeft kunnen maken. Dit betekent dat het hoger beroep niet slaagt, zodat de aangevallen uitspraak moet worden bevestigd.

6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Waarvan proces-verbaal.

De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer

(getekend) R. van Doorn (getekend) J.P.A. Boersma