Socialezekerheidsrecht
Verzet ongegrond. Gronden ontvangen buiten de gestelde termijn.
Centrale Raad van Beroep, 17 augustus 2022
ECLI:NL:CRVB:2022:2333 · Centrale Raad van Beroep · 17 augustus 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/socialezekerheidsrecht/hoger-beroep/ecli-nl-crvb-2022-2333
Zaakgegevens
Op 17 augustus 2022 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 17 augustus 2022
- Datum publicatie
- 1 november 2022
- Zaaknummer
- 21 / 4420 WLZ
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2022:2333
Samenvatting
Verzet ongegrond. Gronden ontvangen buiten de gestelde termijn.
Uitspraak
21 4420 WLZ-V-PV
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:55, zevende lid, en 8:108, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland van 22 november 2021, 20/2311 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
CIZ
[betrokkene] te [woonplaats] (betrokkene)
Datum uitspraak: 17 augustus 2022
Zitting heeft: H.J. de Mooij
Griffier: G.F. Telci
CIZ heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. L.M.R. Kater en mr. I.C.J.G. van MarisKindt. Namens betrokkene is mr. E.A. van Wieren, advocaat, verschenen.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Bij uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:54 en 8:108, eerste lid, van de Awb van 7 juli 2022 heeft de Raad het hoger beroep van CIZ tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard omdat de gronden van het hoger beroep niet binnen de gestelde termijn zijn ingediend.
De Raad stelt vast dat de gronden van het hoger beroep eerst op 28 februari 2022 zijn ontvangen. Dit is buiten de gestelde termijn, die eindigde op 18 februari 2022. CIZ heeft in verzet geen feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat CIZ niet in verzuim is geweest.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer
(getekend) G.F. Telci (getekend) H.J. de Mooij
Voor eensluidend afschrift
de griffier van de
Centrale Raad van Beroep