Socialezekerheidsrecht
Beëindiging ZW-uitkering. Herhaald verzoek om aanhouding om proceseconomische redenen afgewezen. Geen nieuwe…
Centrale Raad van Beroep, 12 december 2025
ECLI:NL:CRVB:2025:1837 · Centrale Raad van Beroep · 12 december 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/socialezekerheidsrecht/hoger-beroep/ecli-nl-crvb-2025-1837
Zaakgegevens
Op 12 december 2025 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 12 december 2025
- Datum publicatie
- 16 december 2025
- Zaaknummer
- 24/2548 ZW-PV
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2025:1837
Samenvatting
Beëindiging ZW-uitkering. Herhaald verzoek om aanhouding om proceseconomische redenen afgewezen. Geen nieuwe medische informatie overlegd.
Uitspraak
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Limburg van 7 oktober 2024, 24/307 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[appellant] te [woonplaats] (appellant)
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
Datum uitspraak: 12 december 2025
Zitting heeft: S.B. Smit-Colenbrander
Griffier: D.M.A. van de Geijn
Het onderzoek ter zitting heeft, door middel van videobellen, plaatsgevonden op 12 december 2025. Voor appellant is mr. S. Engelen, advocaat, verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. P.C.P. Veldman.
BESLISSING
Gemachtigde van appellant heeft verzocht om aanhouding van de zaak. Appellant heeft drie keer om aanhouding verzocht en de Raad heeft dit verzoek twee keer ingewilligd. Ter zitting heeft gemachtigde het verzoek om aanhouding van de zaak herhaald. Nu de zaak al twee keer eerder is aangehouden op verzoek van appellant en zijn gemachtigde, de derde zittingsdatum in overleg met gemachtigde is bepaald, en gemachtigde voldoende tijd heeft gehad om (telefonisch) in overleg te treden met zijn client, wijst de Raad dit herhaalde verzoek om aanhouding om proceseconomische redenen af.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen.
De gronden die appellant in hoger beroep heeft aangevoerd zijn een herhaling van de gronden die bij de rechtbank zijn aangevoerd. De rechtbank is op deze gronden gemotiveerd ingegaan. Het oordeel en de overwegingen van de rechtbank worden geheel onderschreven. Appellant heeft in hoger beroep geen nieuwe medische informatie overgelegd die onderbouwen dat zijn beperkingen door het Uwv zijn onderschat. Wat appellant heeft aangevoerd geeft ook geen aanleiding voor het oordeel dat de geselecteerde functies in medisch opzicht voor hem niet geschikt zijn.
Het hoger beroep slaagt dus niet. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd. Dit betekent dat de beëindiging van de uitkering op grond van de Ziektewet per 13 mei 2023 in stand blijft. Omdat het hoger beroep niet slaagt krijgt appellant geen vergoeding voor zijn proceskosten en het betaalde griffierecht.
Waarvan proces-verbaal.
Utrecht, 12 december 2025
De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer
(getekend) D.M.A. van de Geijn (getekend) S.B. Smit-Colenbrander