Bestuursrecht overig
Voorlopige voorziening. Korting op voorschot subsidie geschorst.
College van Beroep voor het bedrijfsleven, 17 augustus 2023
ECLI:NL:CBB:2023:442 · College van Beroep voor het bedrijfsleven · 17 augustus 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/college-van-beroep-voor-het-bedrijfsleven/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/mondelinge-uitspraak/ecli-nl-cbb-2023-442
Zaakgegevens
Op 17 augustus 2023 heeft het College van Beroep voor het bedrijfsleven uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- College van Beroep voor het bedrijfslevenCollege van Beroep voor het bedrijfslevenDe hoogste bestuursrechter voor economisch bestuursrecht, zoals mededinging, telecom, energie en landbouw.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 17 augustus 2023
- Datum publicatie
- 21 augustus 2023
- Zaaknummer
- 23/1441
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- Mondelinge uitspraakMondelinge uitspraakDe rechter doet direct aan het eind van de zitting uitspraak; die wordt vastgelegd in een proces-verbaal.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CBB:2023:442
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Voorlopige voorziening. Korting op voorschot subsidie geschorst.
Uitspraak
proces-verbaal uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
zaaknummer: 23/1441
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van 17 augustus 2023
Rechter: mr. J.H. de Wildt
Griffier: mr. I.C. Hof
Partijen
[naam 1] B.V., te [plaats] (de onderneming),
(gemachtigden: mr. S. van Gent, mr. S.V. Vullings en mr. A. Ben Daoued),
en
de minister voor Klimaat en Energie,
(gemachtigden: mr. J.P. Heinrich en mr. J. Kennis).
Beslissing
De voorzieningenrechter:
-
wijst het verzoek toe in die zin dat de in het besluit van 16 augustus 2023 vastgestelde korting van 10% op het voorschot voor de maand juni wordt geschorst;
-
draagt de minister op het betaalde griffierecht van € 365,- aan de onderneming te vergoeden;
- veroordeelt de minister in de proceskosten van de onderneming tot een bedrag van € 2.092,50.
Overwegingen
De voorzieningenrechter acht het spoedeisend belang bij de gevraagde voorlopige voorziening niet zonder meer gegeven. Voor het treffen van een voorlopige voorziening zou niettemin aanleiding kunnen zijn als zeer ernstig moet worden betwijfeld of het bestreden besluit van 16 augustus 2023 in bezwaar in stand zal kunnen blijven.
Daarvan is hier sprake. Het verwijt van de minister dat de rapporten van feitelijke bevindingen niet aan de maat zijn, is op dit moment zeer twijfelachtig, gezien ook de toelichting die is gegeven door prof. dr. [naam 2] RE RA. Daar komt bij dat uit het onderzoek niet van materiële gebreken is gebleken waardoor aan de juistheid van het voorschot moet worden getwijfeld.
w.g. J.H. de Wildt w.g. I.C. Hof