Civiel recht overig

Klager is in beroep gekomen tegen een beschikking van de voorzitter van de kamer. Tegen die beschikking kon…

Gerechtshof Amsterdam, 6 oktober 2015

Zaakgegevens

Op 6 oktober 2015 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
6 oktober 2015
Datum publicatie
8 oktober 2015
Zaaknummer
200.170.745/01GDW
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2015:4137
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Klager is in beroep gekomen tegen een beschikking van de voorzitter van de kamer. Tegen die beschikking kon verzet worden gedaan bij de kamer. Hiertegen staat geen ander rechtsmiddel open, zodat klager niet-ontvankelijk is in zijn hoger beroep.

Uitspraak

beslissing

___________________________________________________________________ _ _

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling civiel recht en belastingrecht

zaaknummer : 200.170.745/01 GDW

nummer eerste aanleg : 425.2012

beslissing van de notaris- en gerechtsdeurwaarderskamer van 6 oktober 2015

inzake

[appellant] ,

wonend te [plaats] ,

appellant,

tegen

[geïntimeerde] , [geïntimeerde] en [geïntimeerde] ,

respectievelijk toegevoegd kandidaat-gerechtsdeurwaarder te [plaats] , toegevoegd kandidaat-gerechtsdeurwaarder te [plaats] en toegevoegd kandidaat-gerechtsdeurwaarder te [plaats] ,

geïntimeerden,

gemachtigde: mr. O.M. Jans.

1 Het geding in hoger beroep

1.1.

Appellant (hierna: klager) heeft op 2 juni 2015 een beroepschrift – met een bijlage – bij het hof ingediend tegen de aan deze beslissing gehechte beschikking van de voorzitter van de kamer voor gerechtsdeurwaarders te Amsterdam (hierna: de kamer) als bedoeld in artikel 39 lid 1 Gerechtsdeurwaarderswet (hierna: Gdw) van 24 augustus 2012.

1.2.

De voorzitter van de kamer heeft in de bestreden beschikking de klacht van klager tegen geïntimeerden (hierna: de gerechtsdeurwaarders) als kennelijk ongegrond afgewezen.

1.3.

De gerechtsdeurwaarders hebben op 22 juni 2015 een verweerschrift bij het hof ingediend.

1.4.

De zaak is behandeld ter openbare terechtzitting van het hof van 4 september 2015. Klager en de gerechtsdeurwaarders zijn, met voorafgaande berichtgeving, niet verschenen.

2 Stukken van het geding

Het hof heeft kennis genomen van de inhoud van de door de kamer aan het hof toegezonden stukken van de eerste instantie en de hiervoor vermelde stukken.

3 De ontvankelijkheid van klager in het hoger beroep

3.1.

Klager heeft bij brief van 18 mei 2012 bij de kamer een klacht ingediend tegen de gerechtsdeurwaarders. De voorzitter van de kamer heeft bij beschikking van 24 augustus 2012 de klacht van klager afgewezen als kennelijk ongegrond. Tegen die beschikking is klager nu in hoger beroep gekomen.

3.2.

Ingevolge artikel 39 lid 2 Gdw kan tegen de beschikking van de voorzitter van de kamer tot afwijzing van een klacht binnen veertien dagen na de dag van verzending van de kennisgeving schriftelijk verzet worden gedaan bij de kamer. Tegen de beschikking van de voorzitter van de kamer staat geen ander rechtsmiddel open.

3.3.

Op grond van het bovenstaande moet worden geoordeeld dat klager niet-ontvankelijk is in zijn hoger beroep.

3.4.

Het hiervoor overwogene leidt tot de volgende beslissing.

4 Beslissing

Het hof:

- verklaart klager niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep tegen de beschikking van de voorzitter van de kamer van 24 augustus 2012.

Deze beslissing is gegeven door mrs. J.C.W. Rang, L.J. Saarloos en A.W. Jongbloed en in het openbaar uitgesproken op 6 oktober 2015 door de rolraadsheer.