Civiel recht overig

Klacht tegen een notaris. Intrekking hoger beroep door klagers.

Gerechtshof Amsterdam, 8 april 2025

Zaakgegevens

Op 8 april 2025 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
8 april 2025
Datum publicatie
10 april 2025
Zaaknummer
200.349.903
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2025:936
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Klacht tegen een notaris. Intrekking hoger beroep door klagers.

Uitspraak

beslissing

___________________________________________________________________ _ _

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling civiel recht en belastingrecht

zaaknummer : 200.349.903/01 NOT

nummer eerste aanleg : C/05/440884 / KL RK 24-133

beslissing van de notaris- en gerechtsdeurwaarderskamer van 8 april 2025

inzake

1 [appellant 1] ,

wonend te [plaats 1] ,

2. [appellant 2],

wonend te [plaats 1] ,

appellanten,

gemachtigden: mr. J.C.T. Papeveld en mr. W. van Elven, beiden advocaat te Waalwijk,

tegen

[geïntimeerde] ,

notaris te [plaats 2] ,

geïntimeerde,

gemachtigde: mr. F.B.A.M. van Oss, advocaat te Harderwijk.

Partijen worden hierna klagers en de notaris genoemd.

1 Het geding in hoger beroep

1.1.

Klagers hebben op 14 januari 2025 een beroepschrift bij het hof ingediend tegen de beslissing van de kamer voor het notariaat in het ressort Arnhem-Leeuwarden (hierna: de kamer) van 19 december 2024 (ECLI:NL:TNORARL:2024:42). De kamer heeft in de bestreden beslissing het verzet van klagers tegen de beslissing van de voorzitter van de kamer van 23 augustus 2024 ongegrond verklaard.

1.2.

Van de zijde van klagers is op 10 maart 2025 een e-mailbericht ter griffie van het hof ingekomen, waarin klagers hun hoger beroep intrekken.

2 Beoordeling

Nu klagers het hoger beroep hebben ingetrokken, kunnen zij niet in het beroep worden ontvangen.

3 Beslissing

Het hof:

- verklaart klagers niet-ontvankelijk in het hoger beroep.

Deze beslissing is gegeven door mrs. J.C.W. Rang, J.W.M. Tromp en J.H. Lieber en in het openbaar uitgesproken op 8 april 2025 door de rolraadsheer.