Ondernemingsrecht
In verband met een minnelijike regeling worden de getroffen onmiddellijke voorzieningen opgeheven. De…
Gerechtshof Amsterdam, 5 januari 2015
ECLI:NL:GHAMS:2015:6 · Gerechtshof Amsterdam · 5 januari 2015
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/civiel-recht/ondernemingsrecht/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-ghams-2015-6
Zaakgegevens
Op 5 januari 2015 heeft het Gerechtshof Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over ondernemingsrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 5 januari 2015
- Datum publicatie
- 6 januari 2015
- Zaaknummer
- 200.138.441/02 OK
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Ondernemingsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- Advocaat
- <emphasis role="bold">mr. B.A Bendel</emphasis>, voorheen mr. M.M.H.J Rompelberg, voorheen mr. M.M.H.J Rompelberg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2015:6
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
In verband met een minnelijike regeling worden de getroffen onmiddellijke voorzieningen opgeheven. De Ondernemingskamer is niet bevoegd decharge te verlenen.
Uitspraak
beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.138.441/02 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 5 januari 2015
inzake
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
MARKETING PEOPLE B.V.,
gevestigd te Nistelrode,
VERZOEKSTER,
advocaat: mr. B.A. Bendel, kantoorhoudende te Amsterdam,
t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
S&R HOLDING B.V.,
gevestigd te Beek,
VERWEERSTER,
advocaat: voorheen mr. M.M.H.J. Rompelberg, kantoorhoudende te Ubachsberg, thans
mr. Ph.W.A.M. van Roy, kantoorhoudende te Beek,
e n t e g e n
[A] ,
wonende te Beek,
BELANGHEBBENDE,
advocaat: voorheen mr. M.M.H.J. Rompelberg, kantoorhoudende te Ubachsberg, thans
mr. Ph.W.A.M. van Roy, kantoorhoudende te Beek.
1 Het verloop van het geding
Partijen worden hierna als volgt aangeduid:
verzoekster als Marketing People;
verweerster als S&R;
belanghebbende als [A];
verweerster en belanghebbende gezamenlijk als S&R c.s.
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 13 maart 2014, 10 juli 2014 en 28 oktober 2014 in deze zaak.
Bij de beschikking van 13 maart 2014 heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang - een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van S&R en Direkt Mail Service Buro B.V. en mr. J.G. Princen te Rotterdam benoemd teneinde het onderzoek te verrichten. Bij de beschikking van 28 oktober 2014 heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – bij wijze van onmiddellijke voorzieningen [A] geschorst als bestuurder van S&R, mr. J.A. van der Have benoemd tot bestuurder van S&R en bepaald dat het prioriteitsaandeel en alle gewone aandelen in S&R zijn overgedragen aan mr. J.P. Zanders.
Mr. Bendel heeft bij faxbrief van 30 december 2014 de Ondernemingskamer bericht dat partijen een minnelijke regeling zijn overeengekomen en dat zij in dat kader de Ondernemingskamer eenparig verzoeken de bij de beschikking van 28 oktober 2014 getroffen onmiddellijke voorzieningen op te heffen.
Bij brief van 31 december 2014 heeft mr. Van Roy het verzoek van mr. Bendel bevestigd en de Ondernemingskamer verzocht de getroffen onmiddellijke voorzieningen te beëindigen.
Mr. Van der Have heeft bij e-mail van 30 december 2014, mede namens mr. Zanders, bericht dat er geen bezwaar bestaat tegen het opheffen van de onmiddellijke voorzieningen en dat hun kosten zijn voldaan.
2 De gronden van de beslissing
Nu alle in deze procedure verschenen partijen hebben verzocht de bij de beschikking van 28 oktober 2014 getroffen onmiddellijke voorzieningen op te heffen en de Ondernemingskamer voorts niet is gebleken van enig belang dat zich verzet tegen het verzochte, zal de Ondernemingskamer het verzoek inwilligen, een en ander met ingang van heden.
Voor zover het verzoek er toe strekt dat de Ondernemingskamer de tijdelijke bestuurder decharge verleent voor het door hem gevoerde bestuur, is dat verzoek niet toewijsbaar omdat de Ondernemingskamer die bevoegdheid niet toekomt (vgl. OK 18 maart 2013, ECLI:NL:GHAMS:2013:BZ9683).
3 De beslissing
De Ondernemingskamer:
beëindigt met ingang van heden de bij haar beschikking van 28 oktober 2014 getroffen onmiddellijke voorzieningen;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar en mr. A.C. Faber, raadsheren, en G.A. Cremers en H. de Munnik, raden, in tegenwoordigheid van mr. H.H.J. Zevenhuijzen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 5 januari 2015.