Ondernemingsrecht

OK. Enquete. Deponering onderzoeksverslag. Inzage voor belanghebbenden.

Gerechtshof Amsterdam, 11 juli 2016

Zaakgegevens

Op 11 juli 2016 heeft het Gerechtshof Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over ondernemingsrecht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
11 juli 2016
Datum publicatie
11 juli 2016
Zaaknummer
200.168.900/01 OK
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2016:2770
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

OK. Enquete. Deponering onderzoeksverslag. Inzage voor belanghebbenden.

Uitspraak

beschikking

___________________________________________________________________

GERECHTSHOF AMSTERDAM

ONDERNEMINGSKAMER

zaaknummer: 200.168.900/01 OK

beschikking van de Ondernemingskamer van 11 juli 2016

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ERWO HOLDING B.V.,

gevestigd te Enter,

VERZOEKSTER,

advocaten: mr. M.W.E. Evers en mr. J.L.M. Wonders, kantoorhoudende te Amsterdam,

t e g e n

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

SCHOENAKER HOLDING B.V.,

gevestigd te Enter,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[A] ,

gevestigd te [....] ,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[B] ,

gevestigd te [....] ,

4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[C] ,

gevestigd te [....] ,

5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[D] ,

gevestigd te [....] ,

6. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[E] ,

gevestigd te [....] ,

VERWEERSTERS,

niet verschenen,

e n t e g e n

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

HERTELO B.V.,

gevestigd te Enter,

BELANGHEBBENDE,

advocaten: mr. J.W. de Groot, mr. M.V.A. Heuten en mr. S.M.A. Wiersma, kantoorhoudende te Rotterdam,

e n t e g e n

2 [F] ,

wonende te [....] ,

3. [G],

wonende te [....] ,

BELANGHEBBENDEN,

advocaten: mr. S.J.H.M. Berendsen en mr. H.K. Schrama, kantoorhoudende te Amsterdam.

1 Het verloop van het geding

1.1

Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 22 september 2015, 28 september 2015 en 29 februari 2016 in deze zaak.

1.2

Bij de beschikkingen van 22 september 2015 en 28 september 2015 heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Schoenaker Holding B.V. (hierna wederom Holding te noemen) over de periode vanaf 28 september 2012, G.T.M.J. Raaijmakers (hierna: de onderzoeker) benoemd teneinde het onderzoek te verrichten, het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vastgesteld op € 20.000 (de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen) en bij wijze van onmiddellijke voorziening en vooralsnog voor de duur van het geding ing. G.J.A. van de Aast benoemd als commissaris van Holding.

1.3

Bij de beschikking van 29 februari 2016 heeft de Ondernemingskamer het onderzoeksbudget verhoogd tot € 30.000 (exclusief btw).

1.4

Bij brief van 8 juli 2016 heeft de onderzoeker het verslag met bijlagen aan de Ondernemingskamer doen toekomen.

1.5

De griffier heeft het verslag met bijlagen heden ter griffie van de Ondernemingskamer neergelegd.

2 De gronden van de beslissing

De Ondernemingskamer heeft kennis genomen van het verslag (met bijlagen) van het onderzoek. Gelet op de inhoud daarvan en op de overigens in deze zaak betrokken belangen, acht de Ondernemingskamer termen aanwezig om op de voet van artikel 2:353 lid 2 BW te bepalen dat het verslag met bijlagen ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage ligt voor belanghebbenden.

3 De beslissing

De Ondernemingskamer:

bepaalt dat het verslag met bijlagen van het bij de beschikking van 22 september 2015 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Schoenaker Holding B.V., gevestigd te Enter, ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage ligt voor belanghebbenden;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. A.C. Faber en mr. M.P. Nieuwe Weme, raadsheren, en H. de Munnik en drs. M.A. Scheltema, raden, in tegenwoordigheid van mr. H.H.J. Zevenhuijzen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 11 juli 2016.