Ondernemingsrecht
OK. Beëindiging onderzoek en getroffen onmiddellijke voorziening wegens minnelijke regeling partijen.
Gerechtshof Amsterdam, 31 augustus 2017
ECLI:NL:GHAMS:2017:3512 · Gerechtshof Amsterdam · 31 augustus 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/civiel-recht/ondernemingsrecht/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-ghams-2017-3512
Zaakgegevens
Op 31 augustus 2017 heeft het Gerechtshof Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over ondernemingsrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 31 augustus 2017
- Datum publicatie
- 4 september 2017
- Zaaknummer
- 200.154.196/01 OK
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Ondernemingsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- Advocaat
- <emphasis role="bold">mr. J.G.J Elslo</emphasis>, <emphasis role="bold">mr. R van den Brink</emphasis>, <emphasis role="bold">mr. R van den Brink</emphasis>
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2017:3512
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
OK. Beëindiging onderzoek en getroffen onmiddellijke voorziening wegens minnelijke regeling partijen.
Uitspraak
beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.154.196/01 en 02 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 31 augustus 2017
inzake
[A] ,
wonende te [....] ,
VERZOEKSTER,
advocaat: mr. J.G.J. Elslo, kantoorhoudende te Bilthoven,
t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
FABIUS B.V.,
gevestigd te Bilthoven,
VERWEERSTER,
advocaat: mr. R. van den Brink, kantoorhoudende te Houten,
e n t e g e n
[B] ,
wonende te [....] ,
BELANGHEBBENDE,
advocaat: mr. R. van den Brink, kantoorhoudende te Houten.
1 Het verloop van het geding
In het vervolg zal verzoekster [A] worden genoemd, verweerster Fabius en belanghebbende [B] .
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar de beschikkingen van 4 december 2014 en 27 september 2016.
Bij de beschikkingen van 4 december 2014 en 27 september 2016 heeft de Ondernemingskamer een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Fabius over de periode vanaf 1 januari 1999 tot en met 1 september 2016 en is mr. W. Bekkers benoemd teneinde het onderzoek te verrichten. Tevens is bij beschikking van 4 december 2014 bij wijze van onmiddellijke voorziening en vooralsnog voor de duur van het geding, mr. H.F. Doeleman te Amsterdam tot commissaris benoemd, onder meer met de taak een minnelijke regeling tussen de aandeelhouders te beproeven.
Bij brief van 27 juli 2017 heeft mr. Elslo de Ondernemingskamer bericht dat partijen een minnelijke regeling zijn overeengekomen en namens [A] verzocht het onderzoek te beëindigen en (zoals blijkt uit de e-mail van mr. Elslo van 16 augustus 2017) de getroffen onmiddellijke voorziening op te heffen.
Desgevraagd hebben mr. Van den Brink namens [B] en Fabius alsmede de door de Ondernemingskamer benoemde onderzoeker en commissaris, mrs. Bekkers en Doeleman, bij e-mails van 16 augustus 2017 bericht dat zij instemmen met het verzoek tot beëindiging en de getroffen onmiddellijke voorziening. De kosten van mrs. Bekkers en Doeleman zijn voldaan.
2 De gronden van de beslissing
Nu partijen een minnelijke regeling hebben getroffen, de verschenen partijen verzoeken het bevolen onderzoek te beëindigen en de getroffen onmiddellijke voorziening op te heffen en de Ondernemingskamer voorts niet is gebleken van enig belang dat zich tegen toewijzing van het verzoek verzet, zal de Ondernemingskamer het verzoek inwilligen aldus dat zij het bij de beschikking van 4 december 2014 bevolen onderzoek en de bij die beschikking getroffen onmiddellijke voorziening zal beëindigen, een en ander met ingang van heden.
3 De beslissing
De Ondernemingskamer:
beëindigt met ingang van heden het bij haar beschikking van 4 december 2014 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Fabius B.V., gevestigd te Bilthoven;
beëindigt met ingang van heden de bij haar beschikking van 4 december 2014 getroffen onmiddellijke voorziening;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. A.C. Faber en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, en drs. P.R. Baart en drs. J.B.M. Streppel, raden, in tegenwoordigheid van mr. H.H.J. Zevenhuijzen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 31 augustus 2017.