Ondernemingsrecht
OK; enquête; deponering onderzoeksverslag; art. 2:353 lid 2 BW
Gerechtshof Amsterdam, 30 maart 2018
ECLI:NL:GHAMS:2018:1076 · Gerechtshof Amsterdam · 30 maart 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/civiel-recht/ondernemingsrecht/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-ghams-2018-1076
Zaakgegevens
Op 30 maart 2018 heeft het Gerechtshof Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over ondernemingsrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 30 maart 2018
- Datum publicatie
- 3 april 2018
- Zaaknummer
- 200.208.715/01 OK
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Ondernemingsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- Advocaat
- <emphasis role="bold">mr. R. Willemsen</emphasis>
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2018:1076
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
OK; enquête; deponering onderzoeksverslag; art. 2:353 lid 2 BW
Uitspraak
beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.208.715/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 30 maart 2018
inzake
1. de vennootschap naar het recht van Turkije
BIMAS BISIKLET MOTOSIKLET SANAYI VE TICARET ANONIM SIRKETI,
gevestigd te Izmir, Turkije,
2. de naamloze vennootschap
ECC-BIMAS N.V.,
gevestigd te Zaandam,
VERZOEKSTERS,
advocaten: mr. S.W. van den Berg en mr. N.W.A. Tollenaar, kantoorhoudende te Amsterdam,
t e g e n
de naamloze vennootschap
ECC-BIMAS N.V.,
gevestigd te Zaandam,
VERWEERSTER,
niet verschenen,
e n t e g e n
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
CEEM HOLDING B.V.,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
EUROPE CYCLE COMPANY B.V.,
beide gevestigd te Zaandam,
BELANGHEBBENDEN,
advocaat: mr. R. Willemsen, kantoorhoudende te Den Haag.
1 Het verloop van het geding
In het vervolg wordt verweerster aangeduid als ECC-Bimas.
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen in deze zaak van 23 februari en 1 maart 2017 en de beschikking van haar voorzitter in deze zaak van 13 februari 2018.
Bij de beschikkingen van 23 februari en 1 maart 2017 heeft de Ondernemingskamer – voor zover van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van ECC-Bimas over de periode vanaf 5 juni 2014, mr. A.C. van Campen (hierna: de onderzoeker) benoemd teneinde het onderzoek te verrichten, het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vastgesteld op € 40.000 (exclusief btw) en bepaald dat de kosten van het onderzoek ten laste komen van ECC-Bimas en dat zij voor de betaling daarvan ten genoegen van de onderzoeker voor de aanvang van diens werkzaamheden zekerheid dient te stellen.
Op 28 maart 2018 is ter griffie van de Ondernemingskamer ingekomen een brief van de onderzoeker van 27 maart 2018 met daarbij het door de onderzoeker ondertekende verslag (met bijlagen) van voormeld onderzoek, gedateerd 27 maart 2018. De griffier heeft het verslag met bijlagen heden ter griffie van de Ondernemingskamer neergelegd.
2 De gronden van de beslissing
De Ondernemingskamer heeft kennis genomen van het verslag (met bijlagen) van het onderzoek. Gelet op de inhoud daarvan en op de overigens in deze zaak betrokken belangen, ziet de Ondernemingskamer aanleiding om op de voet van artikel 2:353 lid 2 BW te bepalen dat het verslag met bijlagen ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage ligt voor belanghebbenden.
3 De beslissing
De Ondernemingskamer:
bepaalt dat het verslag (tezamen met de bijlagen) van het bij de beschikking van 23 februari 2017 door de Ondernemingskamer bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van ECC-Bimas N.V., gevestigd te Zaandam, ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage ligt voor belanghebbenden.
Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar en mr. M.M.M. Tillema, raadsheren, en prof. dr. mr. F. van der Wel RA en drs. M.A. Scheltema, raden, in tegenwoordigheid van mr. S.M. Govers, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 30 maart 2018.
De beschikking is ondertekend door de jongste raadsheer omdat de voorzitter buiten staat is.