Ondernemingsrecht
OK; Enquête; aanwijzing van de onderzoekers; art. 2:350 lid 1 BW.
Gerechtshof Amsterdam, 2 augustus 2018
ECLI:NL:GHAMS:2018:2716 · Gerechtshof Amsterdam · 2 augustus 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/civiel-recht/ondernemingsrecht/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-ghams-2018-2716
Zaakgegevens
Op 2 augustus 2018 heeft het Gerechtshof Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over ondernemingsrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 2 augustus 2018
- Datum publicatie
- 2 augustus 2018
- Zaaknummer
- 200.159.002/01 OK
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Ondernemingsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- Advocaat
- <emphasis role="bold">mr. R.G.J de Haan</emphasis>, <emphasis role="bold">mr. A.R Oosthout</emphasis>
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2018:2716
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
OK; Enquête; aanwijzing van de onderzoekers; art. 2:350 lid 1 BW.
Uitspraak
beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.159.002/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 2 augustus 2018
inzake
1. de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid
VERENIGING VAN EFFECTENBEZITTERS (voorheen genaamd VEB NCVB),
gevestigd te Den Haag,
2. [A],
wonende te [....] ,
3. [B],
wonende te [....] ,
4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[C] ,
gevestigd te [....] ,
5. [D],
wonende te [....] ,
6. [E],
wonende te [....] ,
7. [F],
wonende te [....] ,
8. [G],
wonende te [....] ,
VERZOEKERS,
advocaten: aanvankelijk mrs. P.J. van der Korst en J. van Bekkum, beiden kantoorhoudende te Amsterdam, thans mr. P.W.J. Coenen, kantoorhoudende te Den Haag, en mrs. G.T.J. Hoff en J.M.K.P. Cornegoor, beiden kantoorhoudende te Haarlem,
t e g e n
1. de naamloze vennootschap
SRH N.V. (voorheen genaamd SNS REAAL N.V.),
gevestigd te Utrecht,
2. de naamloze vennootschap
DE VOLKSBANK N.V. (voorheen genaamd SNS BANK N.V.),
gevestigd te Utrecht,
VERWEERSTERS,
advocaten: mrs. H.J. de Kluiver, P.N. Ploeger en J.L. van der Schrieck, kantoorhoudende te Amsterdam,
e n t e g e n
1 DE STAAT DER NEDERLANDEN,
gevestigd te Den Haag,
BELANGHEBBENDE,
advocaat: mr. R.G.J. de Haan, kantoorhoudende te Amsterdam,
e n t e g e n
2. de stichting
STICHTING BEHEER SNS REAAL,
gevestigd te Utrecht,
BELANGHEBBENDE,
advocaten: mrs. S. Perrick en I. Spinath, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,
e n t e g e n
3. de stichting
STICHTING ADMINISTRATIEKANTOOR BEHEER FINANCIËLE INSTELLINGEN,
gevestigd te Den Haag,
BELANGHEBBENDE,
advocaten: mrs. A.R.J. Croiset van Uchelen en A.J.F. de Bruijn, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,
e n t e g e n
4. de stichting
RESTITUTIE ONTEIGENDE OBLIGATIEHOUDERS SNS STICHTING,
gevestigd te Amsterdam,
5. [H],
wonende te [....] ,
6. [I],
wonende te [....] ,
BELANGHEBBENDEN,
advocaten: mrs. K. Rutten en J.R. Hurenkamp, beiden kantoorhoudende te Utrecht,
e n t e g e n
7 [J] ,
wonende te [....] ,
BELANGHEBBENDE,
advocaat: mr. A.R. Oosthout, kantoorhoudende te Leiden.
1 Het verloop van het geding
Voor het verloop van het geding tot de hierna te noemen beschikking van de Ondernemingskamer van 26 juli 2018 verwijst de Ondernemingskamer naar die beschikking.
Bij de beschikking van 26 juli 2018 heeft de Ondernemingskamer een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van SRH N.V. (voorheen genaamd SNS Reaal N.V.) en de Volksbank N.V. (voorheen genaamd SNS Bank N.V.) over de periode vanaf 1 juli 2006 tot 1 februari 2013, in het bijzonder met betrekking tot de in rechtsoverweging 3.133 van de in die beschikking genoemde onderwerpen. Daarbij heeft de Ondernemingskamer in voormelde beschikking drie nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken personen benoemd teneinde het onderzoek te verrichten.
2 De gronden van de beslissing
De Ondernemingskamer zal thans de drie hierna te vermelden personen aanwijzen als onderzoekers als bedoeld in de beschikking van 26 juli 2018.
3 De beslissing
De Ondernemingskamer:
wijst aan als onderzoekers als bedoeld in de beschikking van de Ondernemingskamer van 26 juli 2018 in deze zaak: dr. F.J.G.M. Cremers te Oegstgeest, mr. F.D. Stibbe te Amsterdam en mr. E.M. Jansen Schoonhoven MBA te Den Haag;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. M.M.M. Tillema en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, en prof. dr. R.A.H. van der Meer RA en drs. J.S.T. Tiemstra RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. R. Verheggen en mr. F.L.A. Straathof, griffiers, en in het openbaar uitgesproken door mr. Tillema op 2 augustus 2018.