Ondernemingsrecht
OK; enquêterecht; deponering onderzoeksverslag
Gerechtshof Amsterdam, 28 februari 2018
ECLI:NL:GHAMS:2018:646 · Gerechtshof Amsterdam · 28 februari 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/civiel-recht/ondernemingsrecht/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-ghams-2018-646
Zaakgegevens
Op 28 februari 2018 heeft het Gerechtshof Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over ondernemingsrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 28 februari 2018
- Datum publicatie
- 28 februari 2018
- Zaaknummer
- 200.174.577/01 OK
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Ondernemingsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- Advocaat
- <emphasis role="bold">mr. M.L. Dingemans</emphasis>
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2018:646
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
OK; enquêterecht; deponering onderzoeksverslag
Uitspraak
beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.174.577/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 28 februari 2018
inzake
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
JALTE HOLDING B.V.,
gevestigd te Utrecht,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
OVERAL B.V.,
gevestigd te Maastricht,
VERZOEKSTERS,
advocaat: mr. M.L. Dingemans, kantoorhoudende te Amsterdam,
t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
JOBPEN HOLDING B.V.,
gevestigd te Maastricht,
VERWEERSTER,
advocaten: mr. D.E.A.F. Aertssen en mr. N.P.F.E. van der Peet, beiden kantoorhoudende te Maastricht,
e n t e g e n
1. de rechtspersoon naar het recht van België,
C.H.C. BELGIË B.V.B.A.,
gevestigd te Lanaken,
BELANGHEBBENDE,
advocaten: mr. D.E.A.F. Aertssen en mr. N.P.F.E. van der Peet, beiden kantoorhoudende te Maastricht,
e n t e g e n
2 [A] ,
wonende te [....] ,
BELANGHEBBENDE,
in persoon verschenen.
1 Het verloop van het geding
In het vervolg zullen verzoeksters tezamen worden aangeduid als Jalte c.s. en zal verweerster worden aangeduid als Jobpen.
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 22, 24 en 26 februari en 10 november 2016.
Bij de beschikking van 22 februari 2016 heeft de Ondernemingskamer een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Jobpen over de periode vanaf 1 januari 2013 en is een door de Ondernemingskamer nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten. Bij de beschikking van 26 februari 2016 is mr. W.G. van Hassel te Numansdorp (hierna: de onderzoeker) aangewezen als onderzoeker zoals bedoeld in voormelde beschikking.
Bij brief van 21 februari 2018 heeft de onderzoeker het verslag met bijlagen van het in 1.3 bedoelde onderzoek aan de Ondernemingskamer doen toekomen.
De griffier heeft het verslag met bijlagen heden ter griffie van de Ondernemingskamer neergelegd.
2 De gronden van de beslissing
De Ondernemingskamer heeft kennis genomen van het verslag met bijlagen van het onderzoek. Gelet op de inhoud daarvan en op de overigens in deze zaak betrokken belangen, acht de Ondernemingskamer termen aanwezig om op de voet van artikel 2:353 lid 2 BW te bepalen dat het verslag met bijlagen ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage ligt voor belanghebbenden.
3 De beslissing
De Ondernemingskamer:
bepaalt dat het verslag met bijlagen van het bij de beschikking van 22 februari 2016 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Jobpen Holding B.V., gevestigd te Maastricht, ter griffie van de Ondernemingskamer ter inzage ligt voor belanghebbenden;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar, voorzitter, mr. J. den Boer en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, en prof. drs. E. Eeftink RA en drs. J.S.T. Tiemstra RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. F.L.A. Straathof, griffier, en in het openbaar uitgesproken door mr. M.M.M. Tillema, raadsheer, op 28 februari 2018.