Ondernemingsrecht
OK; enquêterecht; beëindiging van het bevolen onderzoek en opheffing van de getroffen onmiddellijke voorzieningen
Gerechtshof Amsterdam, 12 april 2019
ECLI:NL:GHAMS:2019:1317 · Gerechtshof Amsterdam · 12 april 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/civiel-recht/ondernemingsrecht/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-ghams-2019-1317
Zaakgegevens
Op 12 april 2019 heeft het Gerechtshof Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over ondernemingsrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 12 april 2019
- Datum publicatie
- 18 april 2019
- Zaaknummer
- 200.240.444/01 OK
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Ondernemingsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- Advocaat
- <emphasis role="bold">mr. C.J. van Dijk</emphasis>
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2019:1317
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
OK; enquêterecht; beëindiging van het bevolen onderzoek en opheffing van de getroffen onmiddellijke voorzieningen
Uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar]beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.240.444/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 12 april 2019
inzake
[A] ,
wonende te Nijeholtpade, gemeente [....] ,
VERZOEKSTER,
advocaat: mr. C.J. van Dijk, kantoorhoudende te Ede,
t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
OKON BEHEER B.V.,
gevestigd te Leerdam,
VERWEERSTER,
niet verschenen,
e n t e g e n
[B] ,
wonende te [....] ,
BELANGHEBBENDE,
niet verschenen,
en
[C] ,
wonende te [....] ,
BELANGHEBBENDE,
niet verschenen.
1 Het verloop van het geding
Verzoekster, verweerster en belanghebbenden worden hierna respectievelijk aangeduid met [A] , Okon Beheer, [B] en [C] .
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 2 en 9 augustus 2018.
Bij die beschikkingen heeft de Ondernemingskamer voor zover thans van belang een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Okon Beheer over de periode vanaf 1 januari 2011 en is bij wijze van onmiddellijke voorziening met onmiddellijke ingang en vooralsnog voor de duur van het geding – voor zover nodig in afwijking van de statuten – [B] geschorst als bestuurder van Okon Beheer, mr. J.J. Reiziger te Assen (hierna: Reiziger) benoemd tot bestuurder van Okon Beheer en bepaald dat de aandelen in Okon Beheer – met uitzondering van één aandeel van ieder van de aandeelhouders – ten titel van beheer zijn overgedragen aan J. Albers te Hilversum (hierna: Albers).
Op 11 april 2019 heeft de Ondernemingskamer een e-mail met bijlagen ontvangen van mr. S.A. Frugte-Van Dijk, kantoorgenoot van Reiziger.
2 De gronden van de beslissing
De Ondernemingskamer overweegt over de in 1.4 genoemde bijlagen als volgt:
-
In een ‘akte van verkoop/koop en levering/aanvaarding van aandelen’ betreffende Okon Beheer staat dat [A] , [B] , [C] , Okon Beheer – vertegenwoordigd door Reiziger – en Albers overeenstemming hebben bereikt over de wijze waarop het geschil tussen [A] , [B] , [C] en Okon Beheer zal worden beëindigd. Onder bepaalde opschortende voorwaarden stellen zij vast dat de bij beschikking van 2 augustus 2018 getroffen onmiddellijke voorzieningen kunnen eindigen.
-
Uit door Reiziger en Albers ondertekende volmachten blijkt dat zij instemmen met opheffing van deze onmiddellijke voorzieningen.
-
Uit e-mailberichten van Reiziger en Albers komt naar voren dat hun kosten zijn voldaan.
Mr. Frugte-Van Dijk heeft op 12 april 2019 telefonisch bevestigd dat aan de hiervóór genoemde opschortende voorwaarden is voldaan, zodat de weg vrij is voor beëindiging van het bevolen onderzoek en opheffing van de getroffen onmiddellijke voorzieningen.
Nu uit voormelde stukken blijkt dat tussen partijen een oplossing is bereikt van het geschil dat in deze zaak aan de orde is en daaruit naar voren komt dat zij een verzoek hebben gedaan dat strekt tot beëindiging van het bevolen onderzoek en tot opheffing van de onmiddellijke voorzieningen, Reiziger en Albers te kennen hebben gegeven met beëindiging van de getroffen onmiddellijke voorzieningen te kunnen instemmen en de Ondernemingskamer niet is gebleken van enig belang dat zich tegen toewijzing van het verzoek verzet, zal de Ondernemingskamer dienovereenkomstig beslissen.
3 De beslissing
De Ondernemingskamer:
beëindigt, met ingang van heden, het bij beschikking van 2 augustus 2018 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Okon Beheer B.V.;
heft op, met ingang van heden, de bij beschikking van 2 augustus 2018 getroffen onmiddellijke voorzieningen;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.M.M. Tillema, voorzitter, mr. J. den Boer en mr. A.C. Faber, raadsheren, en drs. P.R. Baart en drs. J.S.T. Tiemstra RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. F.L.A. Straathof, griffier, en in het openbaar uitgesproken door mr. A.W.H. Vink, raadsheer, op 12 april 2019.