Ondernemingsrecht
vaststelling kosten onderzoek
Gerechtshof Amsterdam, 26 oktober 2020
ECLI:NL:GHAMS:2020:3185 · Gerechtshof Amsterdam · 26 oktober 2020
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/civiel-recht/ondernemingsrecht/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-ghams-2020-3185
Zaakgegevens
Op 26 oktober 2020 heeft het Gerechtshof Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over ondernemingsrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 26 oktober 2020
- Datum publicatie
- 24 november 2020
- Zaaknummer
- 200.274.386/01 OK
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Ondernemingsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- Advocaat
- <emphasis role="bold">R.H. Knegtering</emphasis>
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2020:3185
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
vaststelling kosten onderzoek
Uitspraak
beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.274.386/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 26 oktober 2020
inzake
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[A] ,
gevestigd te [....] ,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[B] .,
gevestigd te [....] ,
VERZOEKSTERS,
advocaten: mr. F. Eikelboom en mr. W.A. Vader, beiden kantoorhoudende te Amsterdam.
t e g e n
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
WAGENBORG BULK TERMINAL B.V.,
gevestigd te Delfzijl,
VERWEERSTER,
advocaten: mr. W.F.W. Timmer en mr. J.L. de Hoop, beiden kantoorhoudende te Groningen,
e n t e g e n
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
KONINKLIJKE WAGENBORG B.V.,
gevestigd te Delfzijl,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
WAGENBORG STEVEDORING B.V.,
gevestigd te Delfzijl,
3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
WABOR B.V.,
gevestigd te Delfzijl,
4. [C],
wonende te [....] ,
BELANGHEBBENDEN,
advocaten: mr. W.F.W. Timmer en mr. J.L. de Hoop, beiden kantoorhoudende te Groningen,
5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[D] ,
gevestigd te [....] ,
BELANGHEBBENDE,
advocaat: R.H. Knegtering, kantoorhoudende te Leeuwarden.
1 Het verloop van het geding
In het vervolg zullen verzoeksters, verweerster en belanghebbenden (ook) als volgt worden aangeduid:
-
[A] met [A] ;
-
[B] . met [B] ;
-
Wagenborg Bulk Terminal B.V. met WBT;
-
Koninklijke Wagenborg B.V. met Wagenborg;
-
Wagenborg Stevedoring B.V. met Wagenborg Stevedoring;
-
Wabor B.V. met Wabor;
-
[D] met [D] ;
-
WBT, Wagenborg, Wagenborg Stevedoring, Wabor en [C] met WBT c.s.
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen in deze zaak van 25 mei, 26 mei 2020 en 25 juni 2020.
Bij beschikking van 25 mei 2020 heeft de Ondernemingskamer - voor zover thans van belang - een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van WBT over de periode vanaf 1 januari 2019, een nader aan te wijzen persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten en de vaststelling van het bedrag dat het onderzoek mag kosten aangehouden. De Ondernemingskamer heeft verder bepaald dat de kosten van het onderzoek ten laste komen van WBT, en dat zij voor de betaling daarvan ten genoegen van de onderzoeker voor de aanvang van diens werkzaamheden zekerheid dient te stellen. Bij wijze van onmiddellijke voorziening en vooralsnog voor de duur van het geding heeft de Ondernemingskamer een nader aan partijen bekend te maken persoon benoemd tot bestuurder van WBT.
Bij beschikking van 26 mei 2020 zijn mr. J.A. van der Have (verder: mr. Van der Have) als bestuurder en drs. P.J. Schimmel RA CFE (verder: onderzoeker) als onderzoeker aangewezen zoals bedoeld in beschikking van 25 mei 2020.
Bij beschikking van 25 juni 2020 heeft de Ondernemingskamer het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vastgesteld op € 27.000, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen.
Bij e-mailbericht van 13 oktober 2020 heeft de onderzoeker de Ondernemingskamer verzocht het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten te verhogen met maximaal €6.250, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen.
De Ondernemingskamer heeft partijen in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten. Daarop zijn de volgende reacties ontvangen door de Ondernemingskamer:
- een e-mailbericht van 14 oktober 2020 van mr. Van der Have;
- een e-mailbericht van 16 oktober 2020 van mr. Eikelboom namens [A] en [B] ;
- een e-mailbericht van 16 oktober 2020 van mr. Knegtering namens [D] ;
- een e-mailbericht van 16 oktober 2020 van mr. De Hoop namens WBT c.s..
2 De gronden van de beslissing
De onderzoeker heeft zijn verzoek onderbouwd met een toelichting op de door hem reeds verrichte werkzaamheden en op de naar zijn verwachting nog te verrichten werkzaamheden.
Nu de onderzoeker zijn verzoek adequaat heeft toegelicht, geen van partijen bezwaar heeft gemaakt tegen de verzochte verhoging en het verzochte bedrag de Ondernemingskamer niet onredelijk voorkomt, zal het verzoek van de onderzoeker worden ingewilligd. De Ondernemingskamer zal het verzoek tot kostenverhoging toewijzen zoals hierna te vermelden.
3 De beslissing
De Ondernemingskamer:
verhoogt het bedrag dat het bij de beschikking van 25 mei 2020 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Wagenborg Bulk Terminal B.V. ten hoogste mag kosten tot € 33.250 (de verschuldigde omzetbelasting daaronder niet begrepen);
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. A.J. Wolfs en mr. J.M. de Jongh, raadsheren, en drs. M.A. Scheltema en drs. V.G. Moolenaar, raden, in tegenwoordigheid van mr. M.A. Sterk, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 26 oktober 2020.