Ondernemingsrecht
vaststelling bedrag onderzoek
Gerechtshof Amsterdam, 6 september 2021
ECLI:NL:GHAMS:2021:3231 · Gerechtshof Amsterdam · 6 september 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/civiel-recht/ondernemingsrecht/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-ghams-2021-3231
Zaakgegevens
Op 6 september 2021 heeft het Gerechtshof Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over ondernemingsrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 6 september 2021
- Datum publicatie
- 28 oktober 2021
- Zaaknummer
- 200.292.283/01 OK
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Ondernemingsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- Advocaat
- voorheen <emphasis role="bold">mr. J. Oerlemans</emphasis> thans <emphasis role="bold">mr. H.G.A.M. Spoormans</emphasis>
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2021:3231
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
vaststelling bedrag onderzoek
Uitspraak
beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.292.283/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 6 september 2021
inzake
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
JIW BEHEER B.V.,
gevestigd te Heerhugowaard,
VERZOEKSTER,
advocaat: voorheen mr. J. Oerlemans thans mr. H.G.A.M. Spoormans, kantoorhoudende te Breda,
t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
GVH RECYCLING B.V.,
gevestigd te Helmond,
VERWEERSTER,
advocaten: mr. G.J.M. Verburg en mr. J.J. Bakker, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,
e n t e g e n
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[A] ,
gevestigd te [....] ,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[B] ,
gevestigd te [....] ,
3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[C] ,
gevestigd te [....] ,
4. [D],
wonende te [....] ,
5. [E],
wonende te [....] ,
BELANGHEBBENDEN,
advocaten: mr. G.J.M. Verburg en mr. J.J. Bakker, kantoorhoudende te Amsterdam.
1 Het verloop van het geding
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 1 juli en 2 juli 2021.
Bij de beschikking van 1 juli 2021 heeft de Ondernemingskamer - voor zover thans van belang - een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van GVH Recycling B.V. over de periode vanaf 1 januari 2018 en een nader door de Ondernemingskamer aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten alsmede - bij wijze van onmiddellijke voorziening en vooralsnog voor de duur van de procedure - een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon tot bestuurder van GVH Recycling B.V. benoemd.
Bij de beschikking van 2 juli 2021 heeft de Ondernemingskamer drs. E.A. Marseille RA als onderzoeker en mr. P.R. Dekker als bestuurder aangewezen.
De onderzoeker heeft bij e-mail van 20 augustus 2021 een plan van aanpak met een begroting van de onderzoekskosten aan de Ondernemingskamer gezonden. De secretaris van de Ondernemingskamer heeft partijen en mr. Dekker vervolgens in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over de begroting van de kosten.
Op 31 augustus 2021 heeft de Ondernemingskamer een e-mail ontvangen van mr. Spoormans inhoudende dat JIW Beheer B.V. akkoord is met de begroting van de kosten van het onderzoek bedoeld in 1.4. De overige partijen en mr. Dekker hebben van de in 1.4 genoemde gelegenheid geen gebruik gemaakt.
2 De gronden van de beslissing
De onderzoeker heeft het aantal uren dat het onderzoek in beslag zal nemen geraamd en opgave gedaan van haar uurtarief (€ 250, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen). De onderzoeker begroot dat het onderzoek in totaal € 30.500, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen, zal kosten. Dit bedrag is inclusief de reistijd van de onderzoeker (€ 1.500) en een post die ziet op het inwinnen van juridisch advies over verrekening en cessie ( € 4.000).
Er zijn geen bezwaren aangevoerd tegen de begroting van de onderzoeker. De begroting van de te besteden tijd en de daaraan verbonden kosten komt de Ondernemingskamer niet onredelijk voor. De Ondernemingskamer zal derhalve het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vaststellen op € 30.500, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen.
3 De beslissing
De Ondernemingskamer:
stelt het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vast op € 30.500, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. C.C. Meijer, voorzitter, mr. A.W.H. Vink en mr. H.J. Vetter, raadsheren, en drs. J.S.T. Tiemstra RA en prof. dr. A.J.C.C.M. Loonen, raden, in tegenwoordigheid van mr. M.A. Sterk, griffier, en in het openbaar uitgesproken door mr. A.W.H. Vink op 6 september 2021.