Ondernemingsrecht

OK; enquêterecht; het bedrag dat het onderzoek naar het beleid en de gang van zaken ten hoogste mag kosten…

Gerechtshof Amsterdam, 28 oktober 2021

Zaakgegevens

Op 28 oktober 2021 heeft het Gerechtshof Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over ondernemingsrecht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
28 oktober 2021
Datum publicatie
12 november 2021
Zaaknummer
200.295.925/01 OK
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
Advocaat
<emphasis role="bold">mr. J.A. van de Hel</emphasis>
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2021:3457
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

OK; enquêterecht; het bedrag dat het onderzoek naar het beleid en de gang van zaken ten hoogste mag kosten wordt vastgesteld

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar]

beschikking

___________________________________________________________________

GERECHTSHOF AMSTERDAM

ONDERNEMINGSKAMER

zaaknummer: 200.295.925/01 OK

beschikking van de Ondernemingskamer van 28 oktober 2021

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[A] ,

gevestigd te [....] ,

VERZOEKSTER,

advocaat: mr. J.A. van de Hel, kantoorhoudende te Amsterdam,

t e g e n

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

PT GREEN SOLUTIONS HOLDING B.V.,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

PT GREEN SOLUTIONS B.V.,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

PT GREEN ENERGY B.V.,

4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[B] ,

gevestigd te [....] ,

VERWEERSTERS,

advocaten: voorheen mrs. A.V. Paardekooper en D.A.Q. Willemse, beiden kantoorhoudende te Amsterdam, thans geen,

e n t e g e n

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[C] ,

gevestigd te [....] ,

2. [D],

wonend te [....] ,

BELANGHEBBENDEN,

advocaten: voorheen mrs. A.V. Paardekooper en D.A.Q. Willemse, beiden kantoorhoudende te Amsterdam, thans mrs. J.A.I. Verheul en L.M. Linskens, beiden kantoorhoudende te Amsterdam.

Hierna zullen verweersters gezamenlijk als PT Green worden aangeduid.

1 Het verloop van het geding

1.1

Voor het eerdere verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 26 en 31 augustus 2021.

1.2

Bij die beschikkingen heeft de Ondernemingskamer een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van PT Green over de periode vanaf 1 januari 2020, mr. E. Hammerstein te Amsterdam (hierna: de onderzoeker) benoemd om het onderzoek te verrichten en de vaststelling van het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten aangehouden.

1.3

De onderzoeker heeft bij e-mail van 15 oktober 2021 een plan van aanpak van het onderzoek aan de Ondernemingskamer gestuurd. In het plan van aanpak heeft hij uiteengezet op welke wijze en binnen welk tijdsbestek hij voornemens is het aan hem opgedragen onderzoek uit te voeren. Daarbij is een begroting met specificatie opgenomen van de kosten die naar verwachting in verband met het onderzoek zullen worden gemaakt. Deze kosten zijn door de onderzoeker begroot op in totaal € 42.000 exclusief btw. De begroting gaat uit van een uurtarief van € 350 exclusief btw voor de onderzoeker.

1.4

Mrs. Linskens en Van de Hel, daartoe door de Ondernemingskamer in de gelegenheid gesteld, hebben op 25 oktober 2021 ieder afzonderlijk gemeld dat hun cliënten zich refereren aan het oordeel van de Ondernemingskamer over het vast te stellen onderzoeksbudget.

2 De gronden van de beslissing

De onderzoeker heeft in het plan van aanpak met begroting voldoende toegelicht welke werkzaamheden naar verwachting door hem in verband met het onderzoek zullen moeten worden verricht, welk tijdschema hem daarbij voor ogen staat en welk uurtarief door hem wordt gehanteerd. Het uurtarief van de onderzoeker is niet onredelijk, gezien de aard en omvang van de zaak, de te verrichten onderzoekswerkzaamheden en de kennis en ervaring van de onderzoeker. De begroting komt de Ondernemingskamer ook overigens niet onredelijk voor. Geen van partijen heeft enig bezwaar tegen de begroting naar voren gebracht. De Ondernemingskamer zal het onderzoeksbudget dan ook vaststellen op € 42.000 exclusief btw.

3 De beslissing

De Ondernemingskamer:

stelt het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vast op € 42.000, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. C.C. Meijer, voorzitter, mr. M.M.M. Tillema en mr. W.A.H. Melissen, raadsheren, en mr. D.E.M. Aleman MBA en drs. V.G. Moolenaar, raden, in tegenwoordigheid van mr. F.L.A. Straathof, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 28 oktober 2021.