Ondernemingsrecht
OK ; enquêterecht ; herstelbeschikking (art. 31 Rv)
Gerechtshof Amsterdam, 22 mei 2025
ECLI:NL:GHAMS:2025:1369 · Gerechtshof Amsterdam · 22 mei 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/civiel-recht/ondernemingsrecht/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-ghams-2025-1369
Zaakgegevens
Op 22 mei 2025 heeft het Gerechtshof Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over ondernemingsrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 22 mei 2025
- Datum publicatie
- 26 mei 2025
- Zaaknummer
- 200.335.860/02 en 05 0K
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Ondernemingsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- Advocaat
- <emphasis role="bold">mr. G.C. Endedijk</emphasis>
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2025:1369
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
OK ; enquêterecht ; herstelbeschikking (art. 31 Rv)
Uitspraak
beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.335.860/02 en 05 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 22 mei 2025
inzake
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[Beheer] ,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[vennootschap] ,
beide gevestigd te [plaats] ,
VERZOEKSTERS,
advocaten: voorheen mr. M.P.H. Sanders en mr. R.M. de Rooij, beiden kantoorhoudende te Amsterdam, thans mr. J.M. Blanco Fernández, kantoorhoudende te Amsterdam,
t e g e n
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[Beheer] ,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[vennootschap] ,
beide gevestigd te [plaats] ,
VERWEERSTERS,
e n t e g e n
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[Broer A Holding] ,
gevestigd te [plaats] ,
2. [Broer A],
wonende te [plaats] ,
BELANGHEBBENDEN,
advocaten: mr. J.G.M. de Koning en mr. J.G. Uijttenhove-Kuitert, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,
e n t e g e n
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[Broer B Holding] .,
gevestigd te [plaats] ,
2. [Broer B],
wonende te [plaats] ,
BELANGHEBBENDEN,
advocaat: mr. G.C. Endedijk, kantoorhoudende te Amsterdam.
Hierna zullen partijen en andere (rechts)personen (ook) als volgt worden aangeduid:
-
verzoeksters/verweersters afzonderlijk als Beheer respectievelijk de Vennootschap en gezamenlijk als de Vennootschap c.s.;
-
[Broer A Holding] als [Broer A Holding] ;
-
[Broer A] als [Broer A] ;
-
[Broer A Holding] en [Broer A] gezamenlijk als [Broer A] c.s.;
-
[Broer B Holding] . als [Broer B Holding] ;
-
[Broer B] als [Broer B] ;
-
[Broer B Holding] en [Broer B] gezamenlijk als [Broer B] c.s.
1 Het verloop van het geding
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen in deze zaak van 2 en 6 mei 2024, 2 september 2024, 4 oktober 2024 en 8 en 14 mei 2025.
Onder randnummer 2.8 van de beschikking van 8 mei 2025 met zaaknummers: 200.355.860/02 en 05 OK is opgenomen:
“[Broer A] c.s. hebben verzocht de onderzoeksperiode uit te breiden tot heden, omdat de discussie over het al dan niet factureren en betaald krijgen van (onderhanden) werk ook ziet op de periode na 14 maart 2024 (de datum van de mondelinge behandeling van het enquêteverzoek). [Broer A] c.s. hebben dit verzoek verder niet (met producties) onderbouwd of toegelicht. [Broer B] c.s. achten uitbreiding van de periode weinig zinvol. Het is volgens hen zonder administratie, althans vastlegging van opdrachten en bijbehorende facturen en/of betalingen, onmogelijk om vast te stellen hoeveel contanten er door wie zijn aangenomen. De waarheid zal aldus [Broer B] c.s. hoogstwaarschijnlijk niet boven tafel komen. (…).”
Bij e-mail van 13 mei 2025 heeft mr. Endedijk de Ondernemingskamer laten weten dat deze overweging een kennelijke fout bevat, te weten dat de namen van [Broer A] c.s. en [Broer B] c.s. zijn verwisseld. Hij heeft de Ondernemingskamer verzocht deze kennelijke fout te herstellen.
De Ondernemingskamer heeft bij e-mail van 14 mei 2025 aan partijen kenbaar gemaakt dat de hierboven vermelde tekst kennelijke fouten bevat die zich voor eenvoudig herstel lenen en haar voornemen geuit deze fouten op de voet van artikel 31 lid 1 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv.) te verbeteren. Partijen zijn in de gelegenheid gesteld zich daarover uit te laten.
2 De gronden van de beslissing
De verwisseling van de namen van [Broer A] c.s. en [Broer B] c.s. betreft kennelijke verschrijvingen die zich voor eenvoudig herstel lenen. Geen van partijen heeft tegen verbetering van de fouten bezwaar gemaakt. De Ondernemingskamer zal de fouten op de voet van artikel 31 lid 1 Rv. verbeteren zoals hierna te vermelden.
3 De beslissing
De Ondernemingskamer:
Verbetert haar in de onderhavige zaak op 8 mei 2025 gegeven beschikking in dier voege dat onder randnummer 2.8 in plaats van:
“[Broer A] c.s. hebben verzocht de onderzoeksperiode uit te breiden tot heden, omdat de discussie over het al dan niet factureren en betaald krijgen van (onderhanden) werk ook ziet op de periode na 14 maart 2024 (de datum van de mondelinge behandeling van het enquêteverzoek). [Broer A] c.s. hebben dit verzoek verder niet (met producties) onderbouwd of toegelicht. [Broer B] c.s. achten uitbreiding van de periode weinig zinvol. Het is volgens hen zonder administratie, althans vastlegging van opdrachten en bijbehorende facturen en/of betalingen, onmogelijk om vast te stellen hoeveel contanten er door wie zijn aangenomen. De waarheid zal aldus [Broer B] c.s. hoogstwaarschijnlijk niet boven tafel komen. (…).”
komt te staan:
“[Broer B] c.s. hebben verzocht de onderzoeksperiode uit te breiden tot heden, omdat de discussie over het al dan niet factureren en betaald krijgen van (onderhanden) werk ook ziet op de periode na 14 maart 2024 (de datum van de mondelinge behandeling van het enquêteverzoek). [Broer B] c.s. hebben dit verzoek verder niet (met producties) onderbouwd of toegelicht. [Broer A] c.s. achten uitbreiding van de periode weinig zinvol. Het is volgens hen zonder administratie, althans vastlegging van opdrachten en bijbehorende facturen en/of betalingen, onmogelijk om vast te stellen hoeveel contanten er door wie zijn aangenomen. De waarheid zal aldus [Broer A] c.s. hoogstwaarschijnlijk niet boven tafel komen. (…).”
bepaalt dat deze verbeteringen onder de vermelding van de datum van 22 mei 2025 worden gesteld op de minuut van de beschikking van 8 mei 2025.
Deze beschikking is gegeven door mr. W.A.H. Melissen, voorzitter, mr. C.C. Meijer, mr. M.A.M. Vaessen, raadsheren, en mr. drs. G. Boon RA, drs. G.A.J. Dubbeld, raden, in tegenwoordigheid van mr. F.C.W. Wijffels, griffier, en in het openbaar uitgesproken door mr. C.C. Meijer op 22 mei 2025.