Strafrecht overig
(ontneming): profijtontneming. Verklaringen veroordeelde en getuige zijn ongeloofwaardig, gelet op feitelijke…
ECLI:NL:GHAMS:2016:3149 · Gerechtshof Amsterdam · 29 juli 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2016-3149
Zaakgegevens
Op 29 juli 2016 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 29 juli 2016
- Datum publicatie
- 3 augustus 2016
- Zaaknummer
- 23-002002-15
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2016:3149
Samenvatting
(ontneming): profijtontneming. Verklaringen veroordeelde en getuige zijn ongeloofwaardig, gelet op feitelijke omstandigheden in de hennepkwekerij. Niet aannemelijk dat de apparatuur tweedehands - bevuild en al - is aangeschaft. Kosten voor assimilatielampen en afzuiginstallatie zijn reeds verdisconteerd in afschrijvingskosten
Uitspraak
Inhoudsopgave
parketnummer: 23-002002-15 (strafzaak)
datum uitspraak: 29 juli 2016
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsvrouw)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 30 april 2015 in de strafzaak onder parketnummer
15-713325-13 tegen:
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] (Turkije) op [geboortedag] 1969,
adres: [adres].
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van
15 juli 2016 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht.
Vonnis waarvan beroep
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen.
Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen, met dien verstande dat het hof een kennelijke schrijffout in de kwalificatie verbeterd leest.
Kennelijke schrijffout
De politierechter heeft het onder 3 ten laste gelegde als volgt bewezen verklaard:
hij in de periode van 1 juni 2013 tot en met 11 juli 2013 te Akersloot, gemeente Castricum, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een hoeveelheid stroom, toebehorende aan Liander, waarbij verdachte het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking.
In het dictum is opgenomen dat de politierechter bewezen verklaart dat de verdachte de onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde feiten heeft gepleegd. Voorts heeft de politierechter artikel 311 van het Wetboek van Strafrecht van toepassing geacht.
De kwalificatie van de onder 1, 2 en 3 bewezen geachte feiten luidt:
De eendaadse samenloop van:
opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder B van de Opiumwet gegeven verbod,
en
opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3 onder C van de Opiumwet gegeven verbod.
Gelet op voornoemde bewezenverklaring van het onder 3 ten laste gelegde en mede in aanmerking genomen dat het betreffende wetsartikel van toepassing is verklaard, is de kwalificatie van dat feit - naar het oordeel van het hof - kennelijk abusievelijk niet in het vonnis waarvan beroep vermeld. Het hof zal de kwalificatie daarom als volgt verbeterd lezen:
Feiten 1 en 2:
De eendaadse samenloop van:
opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder B van de Opiumwet gegeven verbod
en
opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3 onder C van de Opiumwet gegeven verbod;
Feit 3:
diefstal, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking.
BESLISSING
Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.M.P. Geelhoed, mr. J.D.L. Nuis en mr. C.M.M. Oostdam, in tegenwoordigheid van
mr. S.W.M. Stevens, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van
29 juli 2016.
mrs. Geelhoed en Oostdam zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.