Strafrecht overig
Voorlopige hechtenis invoer van drugs, OM appel
ECLI:NL:GHAMS:2018:1759 · Gerechtshof Amsterdam · 18 april 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2018-1759
Zaakgegevens
Op 18 april 2018 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 18 april 2018
- Datum publicatie
- 5 juni 2018
- Zaaknummer
- 15/045782-18
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2018:1759
Samenvatting
Voorlopige hechtenis invoer van drugs, OM appel
Uitspraak
Inhoudsopgave
15-045782-18
GERECHTSHOF AMSTERDAM,
MEERVOUDIGE STRAFKAMER, RAADKAMER
BESCHIKKING in raadkamer op het hoger beroep van de officier van justitie in de zaak van
[appellant] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1939,
zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande,
tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem van 21 maart 2018, houdende afwijzing van de vordering tot de gevangenhouding van de verdachte.
De feiten en de rechtsgang
Het hof heeft kennis genomen van de akte van de griffier van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem van 3 april 2018, waarbij door de officier van justitie hoger beroep is ingesteld tegen voormelde beschikking van die rechtbank.
Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep en heeft kennis genomen van de stukken betrekking hebbend op de voorlopige hechtenis van de verdachte en heeft gehoord de advocaat-generaal en de raadsvrouw van de verdachte mr. M. Stam.
De beoordeling
Het hof verenigt zich niet met de beschikking waarvan beroep en de gronden waarop deze berust.
De verdachte is op Schiphol gearriveerd met bijna 2,5 kilo cocaïne in zijn koffers. De omstandigheden waaronder hij deze koffers volgens zijn eigen verklaring in zijn bezit heeft gekregen leveren ernstige bezwaren op voor tenminste voorwaardelijk opzet op de invoer van cocaïne. Dat de verdachte beperkt mobiel is, op leeftijd is en de koffers zelf naar eigen zeggen niet in handen heeft gehad doen aan het vorenstaande niet af.
Het hof is van oordeel dat het via een internationale luchthaven invoeren in Nederland van een hoeveelheid harddrugs zoals hier aan de orde en op de manier waarop dat hier is gebeurd een feit is dat de rechtsorde schokt.
15-045782-18
De beslissing
VERNIETIGT de beschikking waarvan beroep.
WIJST TOE de vordering tot de gevangenhouding van de verdachte voor de duur van 90 dagen.
Deze beschikking is gegeven op 18 april 2018 in raadkamer van dit hof door
mr. J.L. Bruinsma, voorzitter,
mrs. F.A. Hartsuiker en T. de Bont, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. S. Grote Ganseij als griffier.
De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte.
Amsterdam, 18 april 2018,
de advocaat-generaal