Strafrecht overig
Vernietiging van de beslissing over de strafbaarheid van het feit (kwalificatie) en verbetering van gronden…
ECLI:NL:GHAMS:2018:3859 · Gerechtshof Amsterdam · 24 januari 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2018-3859
Zaakgegevens
Op 24 januari 2018 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 24 januari 2018
- Datum publicatie
- 24 oktober 2018
- Zaaknummer
- 23-002188-17
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2018:3859
Samenvatting
Vernietiging van de beslissing over de strafbaarheid van het feit (kwalificatie) en verbetering van gronden ten aanzien van de bewijsbeslissing
Uitspraak
Inhoudsopgave
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-002188-17
datum uitspraak: 24 januari 2018
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 6 juni 2017 in de strafzaak onder parketnummer 15-800373-15 tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,
adres: [woonplaats] .
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 10 januari 2018 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Tegen voormeld vonnis is namens de verdachte hoger beroep ingesteld.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen, behalve ten aanzien van de kwalificatie van het onder 1 bewezenverklaarde. Het hof zal het vonnis ten aanzien van de kwalificatie van feit 1 vernietigen.
Daarnaast zal het hof ten aanzien van de bewijsbeslissing de gronden verbeteren.
Bewijs
Het hof verbetert de gronden bij de bewijsbeslissing als volgt.
Ten aanzien van de redengevende feiten en omstandigheden (paragraaf 3.3 van het vonnis) laat het hof de voetnoten 5, 10, 12 en 14 alsmede de daarbij behorende tekst weg uit het bewijs. Het hof laat deze feiten en omstandigheden weg uit het bewijs omdat de verklaring waarnaar wordt verwezen niet door de verdachte, maar kennelijk door zijn medeverdachte [medeverdachte] in zijn eigen zaak als verdachte op 26 januari 2016 is afgelegd. De verklaring die de medeverdachte [medeverdachte] in zijn eigen zaak ter terechtzitting heeft afgelegd, kan echter niet worden gebruikt voor het bewijs in de zaak tegen de verdachte, omdat deze verklaring zich niet in het dossier bevindt.
Waar in de voetnoten wordt gesproken over ‘medeverdachte [medeverdachte 2] ’ leest het hof dit hof dit telkens als ‘verdachte’.
Het hof vult de redengevende feiten en omstandigheden (paragraaf 3.3) aan met het volgende.
Verdachte heeft bij de rechter-commissaris verklaard dat hij [slachtoffer] heeft geslagen. Hij heeft dat met zijn platte hand gedaan, voor zover hij het zich herinnert op zijn gezicht.
Kwalificatie
Het onder 1 bewezenverklaarde levert op:
diefstal, voorafgegaan, vergezeld of gevolgd van geweld of bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd op de openbare weg en door twee of meer verenigde personen.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de kwalificatie van het onder 1 bewezenverklaarde en doet in zoverre opnieuw recht.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige, met in achtneming van hetgeen hiervoor is overwogen.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. R.P. den Otter, mr. M.M.H.P. Houben en mr. G. Oldekamp, in tegenwoordigheid van
mr. K. Sarghandoy, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 24 januari 2018.