Strafrecht overig
Tussenarrest; gebiedsverbod; ne bis in idem beginsel, artikel 63 Sr. Afwachting van beslissing Hoge Raad.
ECLI:NL:GHAMS:2019:1871 · Gerechtshof Amsterdam · 21 mei 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2019-1871
Zaakgegevens
Op 21 mei 2019 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 21 mei 2019
- Datum publicatie
- 13 juni 2019
- Zaaknummer
- 23-002018-18
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2019:1871
Samenvatting
Tussenarrest; gebiedsverbod; ne bis in idem beginsel, artikel 63 Sr. Afwachting van beslissing Hoge Raad.
Uitspraak
Inhoudsopgave
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-002018-18
datum uitspraak: 21 mei 2019
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Tussenarrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 28 mei 2018 in de gevoegde strafzaken onder de parketnummers 13-258299-17 en 13-036184-18 tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1999,
adres: [adres].
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 7 mei 2019 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Tegen voormeld vonnis is namens de verdachte hoger beroep ingesteld.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht.
Op de terechtzitting in hoger beroep van 7 mei 2019 is het onderzoek in deze strafzaak gehouden en gesloten.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen.
De raadsman heeft ter terechtzitting betoogd dat, gelet op het arrest van het gerechtshof Amsterdam van 9 oktober 2018 (ECLI:NL:2018:3968) in een vergelijkbare zaak, het openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaard moet worden in de vervolging ten aanzien van beide ten laste gelegde feiten, omdat vervolging in strijd is met artikel 68 van het Wetboek van Strafrecht.
Onder de beraadslaging is gebleken dat het onderzoek niet volledig is geweest. Het hof heeft geconstateerd dat zowel door het openbaar ministerie als door de verdediging beroep in cassatie is ingesteld tegen voornoemd arrest. Het hof acht het noodzakelijk de beslissing in de onderhavige zaak op te schorten in afwachting van de uitspraak van de Hoge Raad in die zaak.
Het hof zal daartoe het onderzoek heropenen, schorsen en de hervatting van het onderzoek ter terechtzitting op een nader te bepalen datum gelasten.
Beslissing
Het hof:
Heropent het gesloten onderzoek, schorst dit in het belang ervan en beveelt de hervatting van het onderzoek op een nader te bepalen terechtzitting.
Beveelt de oproeping van de verdachte en de raadsman van de verdachte tegen de nog nader te bepalen terechtzitting.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. J.J.I. de Jong, mr. G. Oldekamp en mr. C.N. Dalebout, in tegenwoordigheid van C.N. Aalders, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 21 mei 2019.
Mr. J.J.I. de Jong en mr. G. Oldekamp zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
[…]