Strafrecht overig
opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod, belediging van…
ECLI:NL:GHAMS:2020:4037 · Gerechtshof Amsterdam · 9 december 2020
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2020-4037
Zaakgegevens
Op 9 december 2020 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 9 december 2020
- Datum publicatie
- 26 januari 2022
- Zaaknummer
- 23-003929-19
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2020:4037
Samenvatting
opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod, belediging van een ambtenaar in functie
Uitspraak
Inhoudsopgave
afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 13-160079-19, 13-234126-19 (gevoegd) en 13-202454-17 (TUL)
parketnummer hoger beroep : 23-003929-19
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 9 december 2020 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 24 oktober 2019 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 2001 te [geboorteplaats]
adres: [adres].
Kwalificatie van het bewezenverklaarde
Het in de zaak met parketnummer 13-160079-19 bewezenverklaarde levert op:
opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod.
Het in de zaak met parketnummer 13-234126-19 bewezenverklaarde levert op:
eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, meermalen gepleegd.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet en de artikelen 14a, 14b, 14c, 57, 63, 266 en 267 van het Wetboek van Strafrecht.
Deze wettelijke voorschriften worden toegepast zoals geldend ten tijde van het bewezenverklaarde.
gepleegd
in de zaak met parketnummer 13-160079-19
op 13 juni 2019 te Amsterdam;
en in de zaak met parketnummer 13-234126-19
op 30 september 2019 te Amsterdam.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) weken.
Bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot 2 (twee) weken, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Wijst af de vordering van de officier van justitie in het arrondissement te Amsterdam van 5 juli 2019, strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de kinderrechter in de rechtbank Amsterdam van 9 januari 2018 met parketnummer 13-202454-17 voorwaardelijk opgelegde werkstraf van 50 uren subsidiair 25 dagen jeugddetentie.
Gewezen door mr. S.M.M. Bordenga, in bijzijn van M.E. de Waard, griffier.
mr. S.M.M. Bordenga