Strafrecht overig
Overtreding van het bepaalde in art. 18, eerste lid, van de Afvalstoffenverordening Amsterdam 2009.
Gerechtshof Amsterdam, 27 oktober 2021
ECLI:NL:GHAMS:2021:3450 · Gerechtshof Amsterdam · 27 oktober 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2021-3450
Zaakgegevens
Op 27 oktober 2021 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 27 oktober 2021
- Datum publicatie
- 11 november 2021
- Zaaknummer
- 23-001982-21
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2021:3450
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Overtreding van het bepaalde in art. 18, eerste lid, van de Afvalstoffenverordening Amsterdam 2009.
Uitspraak
afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 96-072866-20
parketnummer hoger beroep : 23-001982-21
VERSTEK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 27 oktober 2021 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Amsterdam van 2 november 2020 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1981 te [geboorteplaats] ([geboorteland])
adres: [adres].
Kwalificatie van het bewezenverklaarde
Het bewezenverklaarde levert op:
overtreding van het bepaalde in art. 18, eerste lid, van de Afvalstoffenverordening Amsterdam 2009
Gepleegd
Op 11 maart 2020 te Amsterdam.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
De artikelen 14a, 14b, 23, 24c en 63 van het Wetboek van Strafrecht, de artikelen 18 en 22 van de Afvalstoffenverordening Amsterdam 2009 en de artikelen 2, vierde lid, en 6, eerste lid, onder 5 van de Wet op de economische delicten.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van € 140,00 (honderdveertig euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 2 (twee) dagen hechtenis.
Bepaalt dat de geldboete niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Gewezen door mr. N.A. Schimmel, in bijzijn van mr. A. de Wit, griffier.
mr. N.A. Schimmel