Strafrecht overig
bevestiging m.u.v. strafmodaliteit. voorwaardelijke gevangenisstraf ipv onvoorwaardelijke gevangenisstraf
Gerechtshof Amsterdam, 12 november 2021
ECLI:NL:GHAMS:2021:3471 · Gerechtshof Amsterdam · 12 november 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2021-3471
Zaakgegevens
Op 12 november 2021 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 12 november 2021
- Datum publicatie
- 12 november 2021
- Zaaknummer
- 23-000451-20
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2021:3471
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
bevestiging m.u.v. strafmodaliteit. voorwaardelijke gevangenisstraf ipv onvoorwaardelijke gevangenisstraf
Uitspraak
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-000451-20
datum uitspraak: 12 november 2021
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 11 februari 2020 in de strafzaak onder parketnummer 13-214921-19 tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1994,
postadres: [adres].
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 29 oktober 2021 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het onder 1 en 2 tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 2 maanden met een proeftijd van 2 jaren.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen met uitzondering van de door de rechtbank opgelegde gevangenisstraf, in die zin dat de gevangenisstraf in geheel voorwaardelijke vorm wordt opgelegd in verband met de door de verdachte aannemelijk gemaakte positieve wending die hij aan zijn leven heeft gegeven. In zoverre zal het vonnis worden vernietigd.
Met betrekking tot de strafmotivering sluit het hof zich overigens aan bij de overwegingen van de rechtbank, met inachtneming van het hiervoor overwogene.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de opgelegde gevangenisstraf.
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 (twee) maanden.
Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. D. Radder, mr. V.M.A. Sinnige en mr. M.J. Dubelaar, in tegenwoordigheid van mr. D. de Jong, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 12 november 2021.
Mrs. Radder en Dubelaar zijn buiten staat dit arrest te ondertekenen.