Strafrecht overig
UNUS. Verdachte wordt veroordeeld voor mishandeling. Straf: voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van…
ECLI:NL:GHAMS:2021:3827 · Gerechtshof Amsterdam · 19 april 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2021-3827
Zaakgegevens
Op 19 april 2021 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 19 april 2021
- Datum publicatie
- 6 december 2021
- Zaaknummer
- 23-001454-20
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2021:3827
Samenvatting
UNUS. Verdachte wordt veroordeeld voor mishandeling. Straf: voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 1 maand m.a. met een proeftijd van 2 jaren.
Uitspraak
Inhoudsopgave
afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 13-073676-20 en 13-155164-20
parketnummer hoger beroep : 23-001454-20
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 19 april 2021 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 25 juni 2020 in de in eerste aanleg gevoegde zaken met de parketnummers 13-073676-20 en 13-155164-20 tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1972 te [geboorteplaats] ([geboorteland])
adres: [adres].
Kwalificatie van het bewezenverklaarde
Het in de zaak met parketnummer 13-073676-20 bewezenverklaarde levert op:
bedreiging met zware mishandeling.
Gepleegd op 19 maart 2020 te Amsterdam.
Het in de zaak met parketnummer 13-155164-20 bewezenverklaarde levert op:
mishandeling.
Gepleegd op 14 juni 2020 te Amsterdam.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
De artikelen 14a, 14b, 14c, 57, 63, 285 en 300 van het Wetboek van Strafrecht.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 1 (een) maand.
Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Gewezen door mr. J.J.I. de Jong, in bijzijn van mr. B.K.M. Pouw, griffier.
mr. J.J.I. de Jong