Strafrecht overig
vd NO in HB artikel 416 lid 2
Gerechtshof Amsterdam, 1 december 2022
ECLI:NL:GHAMS:2022:3410 · Gerechtshof Amsterdam · 1 december 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2022-3410
Zaakgegevens
Op 1 december 2022 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 1 december 2022
- Datum publicatie
- 2 december 2022
- Zaaknummer
- 23-001960-22
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2022:3410
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
vd NO in HB artikel 416 lid 2
Uitspraak
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-001960-22
datum uitspraak: 17 november 2022
NIET VERSCHENEN
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de kinderrechter in de rechtbank Amsterdam van 11 juli 2022 in de gevoegde strafzaken onder de parketnummers 13-324647-21 en 13-024067-22 tegen
[verdachte01] ,
geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 2007,
adres: [adres01] .
Onderzoek ter terechtzitting
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 17 november 2022.
Tegen voormeld vonnis is namens de verdachte hoger beroep ingesteld.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal strekkende tot de niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het hoger beroep op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
De zaak is eerder aan de orde geweest op de rolzitting van 8 september 2022. De zaak is toen zonder inhoudelijke behandeling geschorst.
Op 10 november 2022 heeft de raadsvrouw per e-mail aan het hof bericht dat de verdachte niet langer bezwaren heeft tegen voormeld vonnis. Hieruit leidt het hof af dat de verdachte de eerder tegen het vonnis opgegeven bezwaren wenst in te trekken. Nu ook overigens niet is gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig nader onderzoek van de zaak, zal de verdachte, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, niet-ontvankelijk worden verklaard in het ingestelde hoger beroep.
BESLISSING
Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. N.R.A. Meerbeek, mr. A.M. Kengen en mr. M.J.A. Duker, in tegenwoordigheid van mr. A.M. van Tilburg, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 17 november 2022.