Strafrecht overig
Verste. Niet-ontvankelijk in het hoger beroep (artikel 416 lid 2 Sv). Akte intrekken hoger beroep.
Gerechtshof Amsterdam, 5 januari 2023
ECLI:NL:GHAMS:2023:25 · Gerechtshof Amsterdam · 5 januari 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2023-25
Zaakgegevens
Op 5 januari 2023 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 5 januari 2023
- Datum publicatie
- 10 januari 2023
- Zaaknummer
- 23-002441-21
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2023:25
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verste. Niet-ontvankelijk in het hoger beroep (artikel 416 lid 2 Sv). Akte intrekken hoger beroep.
Uitspraak
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-002441-21
datum uitspraak: 22 december 2022
VERSTEK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 31 augustus 2021 in de strafzaak onder de parketnummers 13-224348-21 en 13-684218-18 (TUL) tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats], [geboorteland] op [geboortedag] 1990,
thans uit anderen hoofde gedetineerd in PI Veenhuizen, gevangenis Bankenbosch BB te Veenhuizen.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Onderzoek ter terechtzitting
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 22 december 2022.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal strekkende tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het hoger beroep.
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
Blijkens de akte intrekken hoger beroep van 14 december 2022 en het door de gemachtigde aan het hof gestuurde e-mailbericht van 14 december 2022, wenst de verdachte het hoger beroep niet te handhaven, zodat hij geacht moet worden de eerder tegen het vonnis opgegeven bezwaren in te trekken. Daarom zal hij, nu ook overigens niet is gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig nader onderzoek van de zaak, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, niet-ontvankelijk worden verklaard in het ingestelde hoger beroep.
BESLISSING
Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.M. Koolen – Zwijnenburg, mr. R.D. van Heffen en mr. J. Steenbrink,
in tegenwoordigheid van mr. S.S.I. Jackson, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 22 december 2022.
mr. A.M. Koolen – Zwijnenburg en mr. J. Steenbrink zijn buiten staat dit arrest te ondertekenen.