Strafrecht overig
Vrijspraak: geen concrete bevestiging gevonden in het beeldmateriaal ten aanzien van de ten laste gelegde…
Gerechtshof Amsterdam, 27 september 2023
ECLI:NL:GHAMS:2023:2750 · Gerechtshof Amsterdam · 27 september 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2023-2750
Zaakgegevens
Op 27 september 2023 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 27 september 2023
- Datum publicatie
- 20 november 2023
- Zaaknummer
- 23-001974-20
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2023:2750
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Vrijspraak: geen concrete bevestiging gevonden in het beeldmateriaal ten aanzien van de ten laste gelegde bedreiging. Niet-ontvankelijkverklaring benadeelde partij.
Uitspraak
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-001974-20
datum uitspraak: 27 september 2023
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 9 september 2020 in de strafzaak onder parketnummer
13-050527-20 tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1997,
adres: [adres].
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 13 september 2023.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte naar voren heeft gebracht.
Tenlastelegging
Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:
hij op of omstreeks 1 februari 2020 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, [benadeelde] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of zware mishandeling, door opzettelijk dreigend
- de woorden toe te voegen: "ik ga jullie schieten", althans woorden van gelijke aard of strekking en/of
- ( hierbij) zijn hand in zijn jaszak te steken.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.
Vonnis waarvan beroep
Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere beslissing ten aanzien van de vraag of het tenlastegelegde bewezen is komt dan de politierechter.
Vordering van het openbaar ministerie
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als door de politierechter in eerste aanleg is opgelegd. Voorts heeft de advocaat-generaal gevorderd dat de vordering van de benadeelde partij zal worden toegewezen voor wat betreft de gevorderde immateriële schade, en dat de schadevergoedingsmaatregel ter zake zal worden opgelegd.
Vrijspraak
Het dossier bevat met de aangifte van [benadeelde] en de getuigenverklaring van zijn collega beveiliger [getuige] het wettig bewijs dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft gepleegd. De verdachte heeft echter zowel bij de politie als ter terechtzitting stellig en op niet ongeloofwaardige wijze ontkend de ten laste gelegde bedreiging te hebben geuit. Het ter terechtzitting in hoger beroep getoonde beeldmateriaal laat weliswaar een niet betwiste confrontatie tussen de verdachte en beveiligers van [plek] zien, maar ten aanzien van de tenlastelegging kan er geen concrete bevestiging in gevonden worden. Gelet op het voorgaande en de (hectische) omstandigheden waaronder de confrontatie tussen de verdachte en de beveiligers van de club heeft plaatsgevonden, heeft het hof niet de overtuiging gekregen dat de verdachte zich aan het tenlastegelegde heeft schuldig gemaakt. De verdachte zal daarom worden vrijgesproken.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]
De benadeelde partij heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 376,35 (€ 300,00 immateriële schade en € 76,35 materiële schade). De vordering is bij het vonnis waarvan beroep toegewezen tot een bedrag van € 100,00. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van de oorspronkelijke vordering.
De verdachte wordt niet schuldig verklaard ter zake van het ten laste gelegde handelen dat de gestelde schade zou hebben veroorzaakt. De benadeelde partij kan daarom in de vordering niet worden ontvangen.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Vernietigt de eerder uitgevaardigde strafbeschikking d.d. 22 mei 2020 onder
CJIB-nummer [nummer].
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]
Verklaart de benadeelde partij [benadeelde] niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding.
Compenseert de kosten tussen partijen ten aanzien van de door de benadeelde partij gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. H.A. Stalenhoef, mr. P. Greve en mr. J.L. Bruinsma, in tegenwoordigheid van mr. C. van der Laan, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 27 september 2023.
=========================================================================
[…]
[…]