Strafrecht overig

Bevestiging vonnis onder toevoeging van artikel 63 Sr.

Zaakgegevens

Op 5 maart 2024 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
5 maart 2024
Datum publicatie
19 maart 2024
Zaaknummer
23-002783-23
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2024:676
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Bevestiging vonnis onder toevoeging van artikel 63 Sr.

Uitspraak

Inhoudsopgave

afdeling strafrecht

parketnummer: 23-002783-23

datum uitspraak: 5 maart 2024

TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 13 oktober 2023 in de strafzaak onder parketnummer 13-258967-23 tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] ([geboorteland]) op [geboortedag] 1999,

zonder bekende woon- of verblijfplaats.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 20 februari 2024 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.

Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de raadsman naar voren heeft gebracht.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen onder toevoeging van artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen, onder toevoeging

van artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht aan de rubriek: Toepasselijke wettelijke voorschriften.

BESLISSING

Het hof:

Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. P.F.E. Geerlings, mr. D.A.C. Koster en mr. G.J.M. Kruizinga, in tegenwoordigheid van mr. C.T. Snellenberg, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 5 maart 2024.

=========================================================================

[…]