Strafrecht overig

Gerechtshof Amsterdam · Hoger beroep · Strafrecht overig

Gerechtshof Amsterdam, 26 november 2025

Zaakgegevens

Op 26 november 2025 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
26 november 2025
Datum publicatie
17 maart 2026
Zaaknummer
23-000704-24
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2025:3797
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Procesgang

  1. Rechtbank Noord-Holland · 12 maart 2024

    ECLI:NL:RBNHO:2024:2770
  2. Gerechtshof Amsterdam · 26 november 2025deze uitspraak

    ECLI:NL:GHAMS:2025:3797

    Overig

Uitspraak

afdeling strafrecht

parketnummer: 23-000704-24

datum uitspraak: 26 november 2025

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 12 maart 2024 in de strafzaak onder parketnummer 15-321079-20 tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedag] 1979,

thans gedetineerd in [detentieadres] .

Onderzoek ter terechtzitting

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 26 november 2025.

De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het hoger beroep.

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

Blijkens de akte intrekken hoger beroep van 28 oktober 2025 en de e-mail van de raadsman van 10 november 2025 wenst de verdachte het hoger beroep niet langer te handhaven en verzoekt hij om toepassing te geven aan het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering (Sv). Daarmee wordt de verdachte geacht zijn eerder tegen het vonnis opgegeven bezwaren in te trekken. Ook overigens is niet gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig nader onderzoek van de zaak. Daarom zal de verdachte, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, Sv, niet-ontvankelijk worden verklaard in het ingestelde hoger beroep.

BESLISSING

Het hof:

Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. M. Iedema, mr. R.A.E. van Noort en mr. B. de Wilde, in tegenwoordigheid van mr. R.J.C. Wegerif, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 26 november 2025.

Mr. De Wilde is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.