Strafrecht overig

Aantekening mondeling arrest. Bedreiging en tweemaal diefstal. Gevangenisstraf voor de duur van vier weken…

Zaakgegevens

Op 20 februari 2025 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
20 februari 2025
Datum publicatie
24 februari 2025
Zaaknummer
23-001640-24
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2025:483
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Aantekening mondeling arrest. Bedreiging en tweemaal diefstal. Gevangenisstraf voor de duur van vier weken, waarvan twee weken voorwaardelijk. Omzetting vordering tot tenuitvoerlegging in een taakstraf.

Uitspraak

Inhoudsopgave

afdeling strafrecht

parketnummer(s) eerste aanleg : 15-114393-24, 15-126341-24, 15-151218-24 en 15-191740-19 (TUL)

parketnummer hoger beroep : 23-001640-24

TEGENSPRAAK

Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 20 februari 2025 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 10 juli 2024 in de zaak tegen de verdachte:

naam: [verdachte]

voornamen: [verdachte]

geboren: op [geboortedag] 1988 te [geboorteplaats] ([geboorteland]).

Kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het in de zaak met parketnummer 15-114393-24 bewezenverklaarde levert op:

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht.

Het in de zaak met parketnummer 15-151218-24 en in de zaak met parketnummer 15-126341-24 bewezenverklaarde levert op:

telkens: diefstal.

gepleegd
in de zaak met parketnummer 15-114393-24
feit 1:
op 3 april 2024 te Heiloo;
en in de zaak met parketnummer 15-151218-24
feit 1:
op 3 mei 2024 te Haarlem;
en in de zaak met parketnummer 15-126341-24
feit 1:
op 14 april 2024 te Haarlem;

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 14a, 14b, 14c, 57, 63, 285 en 310 van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) weken.

Bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot 2 (twee) weken, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Beveelt in plaats van de tenuitvoerlegging van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 11 november 2019 met parketnummer 15-191740-19, te weten een gevangenisstraf voor de duur van vier maanden met een proeftijd van twee jaren, een taakstraf voor de duur van 120 (honderdtwintig) uren, bij gebreke van het naar behoren verrichten te vervangen door 60 (zestig) dagen hechtenis.

Gewezen door mr. J.W.H.G. Loyson, in bijzijn van mr. S. den Hartog, griffier.

mr. J.W.H.G. Loyson